begin  verderprepost
[p. 7]

Voorwoord

Dit boekje, de titel duidt het al enigszins aan, is niet bedoeld als alleenloper. Kort samengevat kan men het noemen: het begin van een courante literatuurgeschiedenis, waarvan eens in de vijf jaar een nieuw deel verschijnt. Het onderwerp van dit eerste deel is de situatie in de Nederlandstalige letterkunde in de periode tussen 1 januari 1961 en 31 december 1965; de volgende delen zullen daar regelmatig op blijven aansluiten. In het eerste gedeelte van het boek, Panorama, wordt de ontwikkeling van onze letterkunde in de afgelopen vijf jaar chronologisch geschetst, volgens de vertrouwde methode van de literatuurgeschiedenis (met ditmaal een zekere nadruk op de poëzie), in ‘stromingen en gestalten’ dus. Dat Literair Lustrum echter niet alleen als een literatuurgeschiedenis bedoeld is, kan al afgeleid worden uit de samenstelling van de redaktie. Eén van de aspekten van het boek is namelijk dat het voortbouwt op bepaalde uitgangspunten van het tijdschrift Merlyn. Het middengedeelte, Profielen getiteld, bestaat daarom uit afzonderlijke essays over een dertiental auteurs, min of meer volgens de benaderingswijze van Merlyn, maar met natuurlijk de variaties die men verwachten mag als zeven verschillende critici aan het woord zijn. Deze essays worden gevolgd door een keuze uit de studies over de betreffende auteurs.

Achter de selektie van juist deze dertien schrijvers voor een wat diepgaander bespreking hoeft de lezer niets anders te zoeken dan het feit dat zij in de behandelde periode in sterke mate onze literatuur mede bepaald hebben. Mede: wij hadden ook een gedeeltelijk andere keuze kunnen maken, want al heeft de smaak van de redakteuren een doorslaggevende rol gespeeld bij de selektie voor de afdeling Profielen, enigszins

[p. 8]

toevallig en van de omstandigheden afhankelijk blijft zo'n keuze altijd. De toekomstige delen zijn er om figuren die ditmaal buiten beschouwing gelaten werden, tot hun recht te doen komen.

Deze eerste twee afdelingen van Literair Lustrum, met hun achtereenvolgens ‘horizontale’ en ‘vertikale’ aanpak, zijn als komplementair bedoeld, als twee manieren van inlichten. Met dit laatste woord wil niet gezegd zijn dat alleen de vreemdeling in het Jeruzalem van onze literatuur er iets van zijn gading zou vinden. De bedoeling van de samenstellers is niet minder: persoonlijke interpretatie, dan: feitelijke informatie, in dat altijd subtiele evenwicht dat de recente literatuurgeschiedenis gemeen heeft met de literaire kritiek.

De selekte bibliografie van de belangrijkste literaire werken en werken over literatuur, die in de genoemde periode verschenen zijn, kan al evenmin iets anders zijn dan een keuze op grond van een bepaalde smaak-de smaak van drie lezers in dit geval. Wij vertrouwen er echter op dat wij de grenzen wijd genoeg gekozen hebben (wij hebben bepaald niet alleen die boeken in onze lijst opgenomen die wij persoonlijk waarderen!) om van Literair Lustrum meer te maken dan een katechismus voor ex-merlinisten, en dat wij ook aan die geinteresseerden die zich in kritische aangelegenheden anders zullen opstellen dan wij, voldoende feitenmateriaal voorleggen om dit boek de moeite waard te maken, al was het maar als naslagwerk. Want dat wil het niet minder zijn dan een op twee coördinaten afgezette reeks persoonlijke opinies.

Tenslotte: een woord van dank aan het Letterkundig museum, dat een groot deel van het materiaal voor de bibliografie van verschenen werken verschafte, is hier op zijn plaats.

 

K. Fens

H.U. Jessurun d'Oliveira

J.J. Oversteegen

prepost  begin  verder