Dichtwerken


auteur: P.A. de Genestet


bron: P.A. de Genestet, Dichtwerken (ed. C.P. Tiele). Gebroeders Kraay, Amsterdam 1869  


verantwoording

inhoudsopgave

doorzoek de hele tekst


downloads



DBNL vignet

[p. 153]

Spreekwoordjes.

 
Dorst maakt van de frissche stroomen,
 
Die den wandlaar doen bekomen
 
Van de hitte van zijn pad,
 
Meer dan kostlijk druivennat;
 
Honger stooft de rauwste blaêren,
 
Harde boonen maakt hij zoet;
 
Slaap schudt veêren van de varen,
 
En maakt nacht van middaggloed;
 
Zuinigheid maakt eerlijke armen,
 
Arbeid alle menschen rijk:
 
Mededoogen en erbarmen
 
Maakt het schepsel God gelijk.
[p. 154]
 
Kleine handen, reine tanden
 
Maken alle meisjes mooi;
 
Liefde tooit de barste stranden,
 
Maakt een hemel van een kooi;
 
Witte dassen, witte haren
 
Pruikjes maken dominees
 
Van wie vroeger losser waren
 
Dan studenten op een sjees;
 
Geld maakt uil en aap en ezel
 
Burgemeester, man van staat;
 
Wijn maakt d' allerfijnsten kwezel
 
Tot een wakkren kameraad;
 
Zoute scherts maakt flauwe spijzen
 
Hartig, water-wijntjes fijn;
 
Eetlust, kippen tot patrijzen,
 
En ‘een broodje’ tot festijn;
 
Gouden knoopen, modekleêren
 
Maken mof en intrigant
 
Vette hanzen, groote heeren;
 
Twintig leugentjes - een krant.
 
Van gebrek aan krakelingen
 
Maakt u de angst een hongersnood;
 
Praatjes maken menschen dood,
 
Die nog vrij door 't leven springen;
 
Onbeschaamdheid maakt een nul
 
Nommer-éen in 't wereldspul;
 
Lucht maakt kranken tot gezonden:
 
Edukatie maakt de honden,
 
De aapjes in de kermistent,
[p. 155]
 
Bijna menschen van talent;
 
Onze tijd maakt diplomaten,
 
Filozofen, demokraten,
 
Van mijn kruier en mijn ‘Jan:’ -
 
Maar geen kist vol ridderstarren
 
Maakt van vijf-en-twintig narren
 
Ooit één knap, verstandig man.

1849.