terug  begin  verder

XI. Vroomheid.

 
Ik kan het met úw vroomheid
 
Niet vinden op den duur:
 
Zij kijkt me veel te deftig,
 
Zij kijkt me veel te zuur!
 
Gij, die in alle dingen
 
Slechts zonde vindt en schuld...
 
Van leelijke gedachten
 
Is vast uw ziel vervuld.

terug  begin  verder