terug  begin  verderprepost

1526 (14 Januari).
XXV en XXVI. Liederen op den Vrede van Madrid.

Na lange onderhandelingen scheen Frans I in December 1525 besloten door bewilliging in de door Karel gestelde eischen een eind aan zijn gevangenschap1 te maken. Beide partijen benoemden opnieuw gevolmachtigden. Wat het landbezit betreft, gaf Frans machtiging tot afstand van Milaan, Napels, Genua, Doornik, Tournaisis, Mortagne, St.-Amand, terwijl hij afzag van alle rechten op Vlaanderen en Atrecht. Ook beloofde hij het hertogdom Bourgondië te zullen teruggeven met de daaronder behoorende heerlijkheden van Noyer en Chateau-Chinon, het burggraafschap van Auxonne en het gebied van St.-Laurent. Voor de verdere bepalingen zie men het tweede lied, dat eigenlijk niet meer dan een berijming van deze is, terwijl het eerste eenvoudig uiting geeft aan de algemeene blijdschap over den vrede.

De afstand van landbezit was alleen mogelijk, als Frans na zijn bevrijding zijn onderdanen tot toestemming kon bewegen. Karel wilde Frans nu op drie wijzen tot nakoming binden: als vader, als vorst en als edelman: Frans moest zijn twee zoons als gijzelaars afstaan, een eed zweren en zijne handteekening zetten, en bovendien zijn ridderwoord verpanden. Den 14den Januari teekende Frans het verdrag, doch daags te voren had hij in tegenwoordigheid van zes Fransche edelen verklaard, dat hij alleen door dwang toegaf en niet voornemens was zich eraan te houden, zooals de uitkomst bewezen heeft.

[p. 150]

De twee op dezen vrede bewaard gebleven liederen zijn van de hand van Matthijs de Casteleyn, als no. XV en XVIII uitgegeven in zijn Diversche Liedekins1. De aldaar vermelde melodieën zijn, door Fl. van Duyse in de hedendaagsche schrijfwijze overgebracht, opgenomen door P. Fredericq, Onze hist. Volksl., blz. 65 en 66.

 

Bronnen: Mignet, Rivalité II, blz. 169 vlgg.; Henne IV, blz. 100 vlgg.

1
Schoon Vlaender-landt, edel Gravinne,
 
Vervroeyt u nu al buyten keere,2
 
Ghy hebt verworven paeys en minne,3
 
Noyt mare vermaect dy dus seere:
 
Dijn lof end' eere
 
Wast lanck soo breere,6
 
Verblijdt u rasch metten verheughden:
 
Paeys is den oorspronck van alle vreughden.
 
 
2
Den Vlamingh mach nu zeer wel lusten,1
 
Wat mocht hy meer aen Godt begheeren:2
 
Met paeys zal elck op zijn bedd' rusten,
 
Met paeyse zal hem elck gheneeren:4
 
Paeys sal beweeren5
 
Des vyandts deeren,
 
Paeijs sal ons houwen vul van deughden:
 
Paeijs is den oorspronck van alle vreughden.
 
 
3
Veur niemandt durven wy ons veynsen,1
 
Niemandt en zal ons nu vercleenen:
 
Paeijs heeft beweerdt ons achter peynsen,3
 
Paeijs heeft ghebluscht ons druckich weenen,4
 
Paeys sal verleenen
[p. 151]
 
Meer dan wy meenen,
 
Paeys is tvoedtsel van alle jeughden:7
 
Paeys is den oorspronck van alle vreughden.
 
 
4
Almachtich Prince, Godt hier boven,
 
Wy dancken u met goe bescheede,2
 
Anders en meugh wy niemandt loven,
 
Ghy zijt Regent int sweerelts weede:4
 
Dees Princen beede
 
Bewaerdt van leede,
 
Niet meer werden wy van d'ontvreughden:7
 
Paeys is den oorspronck van alle vreughden.
Op den voijs van Helas, helas.1
1
Een vreughdich liedt moet ick vermanen,1
 
Tot tslandts profijt, wiedt mach benyen,
 
Doornijck ghewonnen en Melanen,
 
De prinse ghedaen2 veur Pavyen;
 
Er is gheen ghelijck by nu ten tyen5
 
Ter Spaenscher stede:
 
Keyser en Coninck wilden belyen7
 
Paeys en vrede:
 
Vaste alliance en vriendtschap mede
 
Sloten zy goetwillich int vergaren:10
 
Dees mare passeert alle ander maren.11
[p. 152]
2
Bourgoignen gheeft hy als diedt jonne,1
 
Cuarloijs1. Chynon, de schoone sale,2
 
Noyhiers, sinte Laurens, Danchonne2:3
 
Voort sal den Coninck wel ter tale,4
 
Corts ondertrouwen van Portugale5
 
Die Coninghinne:
 
Dies blijft dit aerdtsche dal al te male4-7
 
Ts Keysers ghewinne.8
 
Tschoon Vlaender-landt, midts paeys en minne,9
 
En zal gheen hommage meer beswaren:10
 
Dees mare passeert alle ander maren.
 
 
3
Voort renuncierdt hy buyten banden1
 
Doornijcke en Tornesijtsche tsamen,2
 
Graefschappen, Rijcken en veel landen,
 
Die int contract al staen by namen,
 
D'hertogh van Gheldre, tsijnder onvramen,5
 
Moet hy beswijcken:
 
Maer zal d'landt houden, naer d'wel betamen,
 
Om zijn verrijcken.8
 
Ter doot zalt zelve ons Keyser strijcken,9
 
't Verbadt dus den Coninck int verclaren:10
 
Dees mare passeert alle ander maren.
 
 
4
Wertenborch en la Marche beede1
 
Beswijckt den Coninck int tracteren:2
 
Den Dolphijn troudt hier naer met eede3-5
[p. 153]
 
Marien jongh, weerdt om crooneeren:4
 
Beet 's Conincs kinders, int concluderen,5
 
Werden d'ostage.
 
Borbon en machmen niet refuseren7 en 8
 
Sijn oud hommage.
 
Twalef galeyen int voyage9-11
 
Sal ooc ter zee Franchois laten varen:
 
Dees mare passeert alle ander maren.
 
 
5
Prince, op ons welvaert gheen tijt stuerich,1 en 2
 
Almachtich Godt zydy beseven.
 
Houdt desen paeys voor ons gheduerich,3
 
En laet de cruysvaert ons aencleven:4
 
Verleent den Keyser een zalich leven,
 
Als vry van rouwe:
 
Den Vranckschen Coninck ghesalft, verheven
 
Bewaert oock nouwe.8
 
Nu heb1 wy paeys in ons Landouwe,
 
Ick hope ghy ons voort noch zult bewaren:10
 
Dees mare passeert alle ander maren.

1Zie blz. 146.
1Zie blz. 142.
2vervroeyt, verheugt; buyten keere, buitengemeen.
3minne, vrede.
6neemt hoe langer hoe meer toe.
1lusten, genoegen smaken.
2aen, van.
4gheneeren (hem), in zijn onderhoud voorzien.
5beweeren, afweren.
1durven, behoeven; ons veynsen, veinzen.
3achter peynsen, zorg.
4ghebluscht, gestelpt; druckich, bedrukt, droevig.
Varianten van de Diversche Liedekins van 1616. 4, 3: Anders en mach men, enz.; 7: ontweughden.
7jeughden, genietingen, zaligheden.
2het is recht, dat wij u danken.
4weede, weide.
7niet meer zullen wij tot de van vreugd beroofden behooren.
1Dit is de aanhef van no. XIII der Diversche Liedekins.
1vermanen, verhalen.
2l.: ghevaen.
5niets is te vergelijken bij het tegenwoordige.
7belyen, erkennen.
10vergaren, samenkomen.
11passeert, overtreft.
1als diedt jonne, uit gunstbetoon.
1l.: Charloijs.
2sale, stede.
2l.: Dauchonne.
3Dauchonne, het burggraafschap van Auxonne.
4wel ter tale, lieftallig, bepaling bij Die Coninghinne van Portugale.
5corts, binnenkort.
4-7Frans zou huwen met Eleonora, koningin-weduwe van Portugal, een zuster van Karel V.
8ghewinne, macht.
9midts, tengevolge van.
10hommage, leenhulde, die door den leenman aan den leenheer bewezen wordt.
1buyten banden, zonder eenig voorbehoud.
2Tornesijtsche, Tournaisis.
5onvrame, schade.
8tegen een jaargeld onderwierp Frans' bondgenoot, Karel van Gelder, zich 3 Oct. 1528 aan Karel V, zie Blok II 385.
Het is onnoodig hier voor de verklaring aan den vrede van 3 October 1528 te denken (uit het lied blijkt trouwens te duidelijk, dat het reeds in 1526 gedicht moet zijn): bij den vrede van Madrid kwamen dezelfde bepalingen voor, zie Henne IV, blz. 100.
9ter doot, bij zijn dood; strijcken, aan zich trekken.
10verbadt, bad af.
1de Hertog van Wurtemberg en de gebroeders Van der Marck uit Luik, bondgenooten van Frans.
2beswijckt, begeeft; tracteren, onderhandelen.
3-5de Dauphin zal (later) huwen met Maria, dochter van Emmanuel van Portugal en Eleonora.
4krooneeren, kronen.
5beet, beide.
7 en 8Bourbon moest binnen veertig dagen in het bezit van zijn goederen worden hersteld.
9-11Als Karel de Roomsche keizerskroon gaat halen, zal Frans hem met twaalf galeien steunen.
1 en 2op ons welvaert gheen tijt stuerich zydy beseven, wees nooit verstoord op onze welvaart.
3gheduerich, bestendig.
4en laat ons den kruistocht ondernemen; de Koning neemt nl. de verplichting op zich bij den Paus op de aankondiging van een kruistocht tegen de Turken en ketters aan te dringen en dien te land en ter zee te steunen.
8nouwe, zorgvuldig.
1l.: hebb', zooals in de Div. Lied. van 1616 ook voorkomt.
10voort, verder.
prepostterug  begin  verder