terug  begin  verderprepost
[p. 11]

13. J. Greshoff aan A.A.M. Stols, 17 mei 19231

17 Mei 1923

 

Beste Sander,

Mijn dank voor je brief en de proefjes.2 Nu ik deze zie vind ik dat formaatje toch wel weer héél aardig! Maar ik geloof dat wat grooter beter is. Wat is jouw meening? Wat betreft het Jaar der Dichters kan ik niets doen voor je in princiepe besloten bent het uit te geven.3 Want ik kan moeilijk bijdragen aan letterkundigen en xylographen vragen en dan later weer zeggen dat de zaak, wegens gebrek aan belangstelling niet dóór gaat!

Ik denk na Pinkster in den Haag te moeten zijn. Wij kunnen dan spijkers met koppen slaan. Heb je nog aan een of andre Haex geschreven?4 Het zou prettig zijn als je ook daarvan iets wist opdat wij de Herstelde Witte Mier dan meteen konden bespreken5

Dus tot spoedig,

geheel je

Jan

1Geschreven op briefpapier van Palladium.
2De brief van Stols is niet teruggevonden. Zie br.11 n.5 voor de bewaard gebleven drukproef van het titelblad van Rijmoefeningen.
3Voor de jaren 1911 tot en met 1915 was, telkens in het voorafgaande jaar en bij wisselende uitgevers, het door Greshoff geredigeerde jaarboek Het Jaar der Dichters verschenen, waarin hij een keuze uit de in het voorgaande jaar verschenen poëzie opnam. Waarom de uitgave na Het Jaar der Dichters voor het jaar 1915 gestaakt werd, is niet geheel duidelijk. Mogelijk had dat te maken met Greshoffs verblijf in 1914 vanaf het voorjaar tot oktober in Duitsland; in januari 1916 was Greshoff redacteur van De Telegraaf geworden.
Stols zou vanaf 1931 het geheel aan poëzie gewijde tijdschrift Helikon uitgeven.
4Niet nader geïdentificeerd.
5Van mei 1912 tot en met november 1913 was bij C.M.B. Dixon te Apeldoorn, verdeeld over drie jaargangen, het door Greshoff geredigeerde tijdschrift De Witte Mier verschenen. In het laatste jaar werd de redactie wegens verblijf buitenslands van Greshoff overgenomen door F.A. Beunke.
In november 1913 was in een door uitgever en redacteur gezamenlijk ondertekende circulaire de abonnees meegedeeld dat niet het gebrek aan belangstelling, maar ‘herhaalde ongesteldheden van den redacteur en vermeerderde werkzaamheden van den uitgever in samenwerking met andere factoren’ er de oorzaak van waren dat de uitgave van het tijdschrift werd gestaakt. In een ingezonden mededeling die onder meer in het Algemeen Handelsblad van 7 december 1913 werd opgenomen, liet Greshoff vervolgens weten dat deze circulaire geheel zonder zijn ‘voorkennis, medeweten en toestemming’ verspreid was en dat het tijdschrift zou blijven bestaan, maar niet meer door Dixon zou worden uitgegeven. Na november zijn er echter geen afleveringen meer verschenen.
prepostterug  begin  verder