terug  begin  verderprepost
[p. 14]

19. J. Greshoff aan A.A.M. Stols, 8 juni 19231

8 Juni 1923

 

Beste Sandor,

Hartelijk dank voor je brief. Ja de Hooft is een fraai stukje werk van onzen zwager.2

Ik zal je stukje naar ‘De Tel.’ zenden.3 Als het niet geschikt is, stemt ge dan toe in de plaatsing in den Gulden Winckel, voor welk abject periodiekje ik mij, met een bepaalde reden, op het oogenblik interesseer.4

Ik verheug mij er op om je in de rok van h.m. te zien en zou bereid zijn ervoor naar Breda te gaan.5

Ik reken op uwe aanwezigheid Dingesdagavond[sic] om 8 uur in het koffyhuis van Worger[?], alwaar ik met mijn zwijn en Jan de Vries aanwezig zal zijn.6

Met hartelijke groeten,

geheel je

Jan.

1Geschreven op briefpapier van Palladium.
2 P.C. Hoofts Sonnetten waren voor Palladium in 1923 onder leiding van Jan van Krimpen gedrukt bij G.J. van Amerongen & Co te Amersfoort in een oplage van 150 exemplaren. Het boek werd in de handel gebracht door Hijman, Stenfert Kroese & Van der Zande te Arnhem.
3Op 8 juni schreef Greshoff aan Charles Nypels: ‘Ik vind je werk interessant en je Decker bepaald zéér mooi. Sander Stols schreef er een stukje over, dat ik voor hem naar de Telegraaf zond, waaraan ik sedert Maandag j.l. als redacteur verbonden ben.’ (Nypels-archief, De Bilt, doos xiv.)
Stols' artikel over Nypels' uitgave van Goede Vrijdag van Jeremias de Decker verscheen onder de titel De kunst van het boek in Den Gulden Winckel 22 (1923) 7 (15 juli), p. 99-101. Naast Goede Vrijdag besprak hij in hetzelfde artikel ook Nypels' uitgave van Adam in ballingschap en de uitgave van Hoofts Sonnetten van Jan van Krimpen. Naast lof had Stols ook kritiek op de uitgave van Goede Vrijdag: ‘Het groote formaat van het boek is een bezwaar, de marges zijn véél te breed; de bladspiegel [...] lijkt nu te ijl. De roode kleur had beter kunnen dekken.’ Stols noemde ook Van Krimpens uitgave ‘belangrijker’.
Nypels schreef in juni aan Greshoff: ‘Wanneer u in Septemb. komt, geef ik u wel een beter ex. deDecker, met feillooze roode regel en kunt u uw ex. naar wensch verbannen.’ (Nederlands Letterkundig Museum, collectie-Greshoff.)
4Greshoff was in mei zijn medewerking aan het tijdschrift Den Gulden Winckel begonnen met het artikel Over Fransche tijdschriften. Op 1 januari 1925 zou Greshoff naast Gerard van Eckeren in de redactie komen; tot 1926 zou hij een maandelijkse poëziekroniek aan het tijdschrift leveren. Den Gulden Winckel werd tot 1929 uitgegeven door de Hollandia-Drukkerij te Baarn; de redactie werd eind 1929 door de nieuwe uitgevers A.J.G. Strengholt en Allert de Lange vervangen door W.A. Kramers. (Zie W.A. Kramers, Greshoff en Den Gulden Winckel, in Het Boek van Nu 1 (1958-9) 4 (december 1958), p. 62-65.)
5Stols vervulde op dat moment zijn dienstplicht bij het 13e Regiment Infanterie en werd opgeleid op de School voor Verlofsofficieren in de Kloosterkazerne te Breda. Of Greshoff hem daar ooit bezocht heeft, is onbekend.
6Welk koffiehuis bedoeld is, is niet achterhaald. Of Stols dinsdagavond 12 juni inderdaad een ontmoeting met Greshoff, Jan van Krimpen en Jan de Vries heeft gehad, is niet bekend.
prepostterug  begin  verder