terug  begin  verderprepost
[p. 38]

53. J. Greshoff aan A.A.M. Stols, 16 december 19231

[Arnhem,] 16 Dec. 1923

 

Edele Sandorowitz,

Ziehier resultaten:

i R.N.R.H. voelt in principe alles voor een bundel van W.v.D. Hij is bereid tot voorrede en alles verder te doen wat nuttig is.

Maar eerst moet even worden nagegaan of v.D. 's geschriften genoeg in omvang en qualiteit zijn om een bundel te maken.2

Rik heeft nagelezen een artikel over het Vredespaleis ('13) en hij vond dat ook nu nog heel goed.3

Wie zou zich kunnen belasten met in de K.[oninklijke] B.[ibliotheek] die zaken bijeen te zoeken?

ii Het grootste gedeelte van Verhoeven's kopy is in mijn bezit.44 Ik schreef heden aan Feber over voorrede5 èn over zijn twee (zéér bijzondere, naar verluid) stukken ‘Holofernes’ en ‘David’.6

Voor W.M. ii een alderliefst stuk van Lucien Dubech, over ‘Het Boek’!7

Zie hier het nieuws. Niet slecht, hè

Met mijne allerbeste groeten, aan je gastvrije familie,

geheel je

Jan

1Geschreven op briefpapier van De Witte Mier, Maandschrift voor de Vrienden van Boek en Prent, onder leiding van J. Greshoff. Uitgegeven door Boosten & Stols, Maastricht.
2Van Walter van Diedenhoven zou Stols geen bundel uitbrengen. R.N. Roland Holst zou zijn in 1923 verschijnende bundel Over kunst en kunstenaars opdragen aan Van Diedenhoven, en openen met het in memoriam dat hij op 12 december 1915 aan Van Diedenhoven wijdde in het weekblad Architectura.
3In De Amsterdammer, Weekblad voor Nederland van 28 september 1913 had Walter van Diedenhoven het artikel Het Vredespaleis als verzamelplaats der decoratieve kunsten en der kunstnijverheid gepubliceerd.
4Bernard Verhoeven, De pelgrim zou in oktober 1924 in een oplage van 383 exemplaren worden gedrukt en uitgegeven door Boosten & Stols als deel 8 in de reeks De Schatkamer. Op 6 januari 1924 zou Verhoeven aan Greshoff schrijven: ‘Na lang en vruchteloos nadenken over een geschikten titel zou ik voor wil[+ len] stellen het bundelt[ + j]e te doopen “De Pelgrim”. Ik meen, dat hiermee de innerlijke gang der verzen vrijwel wordt gekenschetst.’
De journalist Bernardus Johannes Verhoeven (1897-1925) was redacteur kunst en letteren van het weekblad De Nieuwe Eeuw en criticus bij het dagblad Het Centrum.
4[Errata] Het jaar van overlijden van Bernard Verhoeven is: 1965.
5Louis Jean Marie Feber (1885-1965) was na een studie in Delft als civiel ingenieur in 1908 naar Indië vertrokken; in 1920 was hij in Nederland teruggekeerd, waar hij van 1922-1925 en van 1928-1936 voor de Rooms-Katholieke Staatspartij in de Tweede Kamer zitting had. Hij was Indisch correspondent voor De Maasbode geweest en publiceerde letterkundig werk in Van Onzen Tijd.
Bernard Verhoeven, De pelgrim zou worden voorafgegaan door een omvangrijke inleiding van de hand van Feber.
6L.J.M. Feber, Israël, Twee treurspelen zou in mei 1924 in een oplage van 1040 exemplaren worden gedrukt en uitgegeven door Boosten & Stols als deel 5 van de reeks De Schatkamer. Israël bevat de toneelspelen Holofernes en David.
7Lucien Dubech, Boeken zou worden opgenomen in De Witte Mier 2 (1925) 1 (15 januari), p. 34-39.
prepostterug  begin  verder