terug  begin  verderprepost

91. J. Greshoff aan A.A.M. Stols, 8 februari 19241

[Arnhem] 8.2.24

 

Geliefde Zandro!

Hedenavond verzond ik kopij Fonteyntje naar Maastricht.

Ik zou het graag uit de vette C. gezet hebben, als de Sh. Sonnets.2 Dat staat veel beter op een wat grooter formaat.

[p. 66]

Er zijn zéér fraaye, geestige dingen in.

Leroux is de zwakste3

Dubbele proef.

1 aan Maurice Roelants P.Bl. 49

1 aan JvN.

Hij stuurt later zijn voorrede,4 die dan met romeinsche cijfer[lees:cijfers] genummerd wordt.

Schrijf jij er even over naar Maastricht?

Ik ben niet wel, zeer verkouden, grieperig, koortsig en te bedde.

Kus je hospita van me.

Heel veel liefs,

geheel je

Jan

 

Wanneer gaat No 11 in zee?

1Geschreven op briefpapier van J. Greshoff, Burg. Weertsstraat 45, Arnhem.
2De tekst van De dichters van 't Fonteintje zou evenals Shake-speares Sonnets uit de vette Caslon gezet worden.
3't Fonteintje was een Vlaams letterkundig tijdschrift dat van juni 1921 tot en met 1924 aanvankelijk driemaandelijks, vanaf maart 1922 tweemaandelijks verscheen. De bloemlezing De dichters van 't Fonteintje bevatte gedichten van de vier redacteuren van het tijdschrift: Karel Leroux (1895-1969), Raymond-Arthur Herreman (1896-1971), Richard Jules Minne (1891-1965) en Maurice Roelants.
4De bloemlezing uit de poëzie uit 't Fonteintje bevatte een inleiding door Jan van Nijlen, die in de normale paginering werd opgenomen.
prepostterug  begin  verder