terug  begin  verder
[p. 13]

Delphi

[p. 15]

I

 
Navel der aarde Gods. Wij zitten
 
en horen sperwers water drinken.
 
Dat is alsof metalen klinken
 
en smelten in een blauwe hitte.
 
 
 
Een slang, een goddelijke schaamte,
 
schuift over schilferende muren,
 
of ligt te blijven en te duren
 
bij kleibaksels en geraamten.
 
 
 
De droge tepels der kamille
 
verpulveren tussen onze lippen.
 
Het laatst zal ons de smaak ontglippen
 
uit de verzadigde papillen.
 
 
 
En dan, uw linker in mijn rechter,
 
twee laatste stofveredelingen,
 
zijn wij zelf eetbare dingen
 
in Gods vuurvaste trechter.
terug  begin  verder