Agon, sulthan van Bantam


auteur: Onno Zwier van Haren


editeur: G.C. de Waard


bron: Onno Zwier van Haren, Agon, sulthan van Bantam (ed. G.C. de Waard). Martinus Nijhoff, Den Haag 1979 (2de druk)  


verantwoording

inhoudsopgave

doorzoek de hele tekst


downloads



DBNL vignet

[p. 76]

Tweede bedryf

Eerste toneel

Fathema. Hassan.
fathema
 
HEt is zeer waar, Hassan, dat ik begon te vreesen
 
Dat Fathema alhier de laatste zoude weezen
315
Die u betuigen zou haar' vreugde, dat uw hand
 
De rust weer heeft hersteld op Java's Wester-strand!
hassan
 
Myn eerste werk na ik hier weder was gekomen,
 
Is geweest, dat ik heb na Fathema vernomen:318
 
En, na dus d' eerste zorg van myn hart was voldaan,319
320
Heb ik volvoerd de plicht van soon en onderdaan;320
 
Myn Vader en Sulthan geëerd, en in 't begroeten,321
 
Myn zegeteekenen gelegd aan syne voeten,
 
Tartassa's ryke buyt gesteld in syne macht,
 
En hare sleutelen voor syne Throon gebracht.324
325
Ik ben door hem gelast t' aanbieden deeze panden
 
Aan de toekomende Vorstinne van die Landen;326
 
Hy wil dat uw gezag en wet, by d' onderdaan327
[p. 77]
 
Geëerbied, en gevolgd zal zyn, van nu af aan:328
 
En ik, die reeds zoo lang leef onder uwe wetten,329
330
Ik koom my aan het hoofd der onderdaanen zetten,
 
Met haar myn' huld' en trouw' u voor altoos aanbiên,331
 
En myn lot in uw oog, en nu, en altoos, zien.332
fathema
 
Hassan, uw is bekend, dat van all' myne Staaten,
 
't Noodlot het allerminst aan my niet heeft gelaaten,
335
Dat ik aan myn Gemaal, tot myne groote smart,
 
Geen Scepters, maar alleen aanbieden kan myn hart;
 
Maar zoo de Hemel my 't ryk' Oosten had gegeeven,
 
Zoo ik gansch Asien zag aan myn voeten beeven,
 
Zoo 'k all' haar' Koningen na myne hand zag staan,339
340
Geen een', die in myn hart zou boven Hassan gaan:
 
Myn keur zou hem tot Vorst over hen alle kroonen,
 
En ik de eerst' aan haar 't voorbeeld van eerbied toonen!342
 
Maar, Hassan, heeft uw hart wel ernstig overdacht
 
Wat al het Lot heeft op Fathema's Huys gebracht?344
345
Weet gy dat om 't Altaar, 't geen ons' trouw gaat ontvangen345
 
Zweeven Fathema's haat en bloedige belangen,346
 
Maccassars Kroon in 't stof, voor Nederlands hoogmoed,
 
En 't rystveld van het Oost verdronken in het bloed;348
 
Samboepo's wal verwoest, en haar verbrande straaten
350
Vertonende allom myn Moeders leedemaaten
 
Verstrooyd, wanneer 't geweld van 't ysselyk geschut351
[p. 78]
 
De voorzorg van de kunst voor 't leven maakt' onnut;352
 
Myn Vader vluchtende, beroofd van syne Landen,
 
En dragend' om zyn hals Fathema's teed're handen!
355
Zie daar, in welke staat Agon my hier ontving
 
Gelyk syn eigen kind, niet als een vlugteling;
 
En zal Fathema nu zig durven onderwinden357
 
Om syn Soon aan haar lot en aan haar wraak te binden,
 
Zal 't Oost, getuige van syn' edelmoedigheid,359
360
Niet laken uwe keur, en myn' ondankbaarheid!
hassan
 
Indien 't geheele Oost voor u was te bestryden,
 
Zou Hassan's hart 't geluk van ieder Vorst benyden
 
Die door Fathema's hand gekoren tot haar wraak,363
 
Op 't Maccassaarsche strand zou sterven voor haar zaak!
365
Maar het verslaafde Oost, wel ver van u te wreeken
 
Durft zelfs niet denken om zyn ketenen te breeken:
 
En met welk' schrik zal 't Oost, Batavia niet zien
 
Wel haast in Bantam's wal, en Abduls Ryk gebiên?367-368
fathema
 
Batavia gebiên alhier? in Bantams wallen?
370
En Abdul, Agons Zoon, voor Holland neêr zien vallen!
hassan
 
'k Vrees dat myn gissingen maar al te gegrond zyn,
 
Hoe zeer die zaak aan uw nog ongelooflyk schyn',
 
Het is ter deezer tyd byna een Jaar geleden
 
Dat Agon heeft bereid 't geen hy volvoert op heden,374
375
Dat hy in 't openbaar verklaard heeft, dat hy dacht375
[p. 79]
 
Tusschen syn beide Soons te deelen syne macht:
 
Abdul heeft wel te vreê met dat besluit gescheenen
 
Maar zedert is Steenwyk tot tweemaal toe verdweenen,378
 
Die Europeër die in Abduls gunst geraakt,
380
Hier heeft, gelyk gy weet, syn Land en God verzaakt,380
 
Of om (haar aller wensch) rykdommen te bekomen,
 
Ten minsten hier in schyn een God heeft aangenomen:382
 
'k Weet dat Batavia hem tweemaal heeft gezien383
 
Verzoeken hare gunst en Abduls dienst aanbiên;
385
'k Weet dat Neêrlands krygsvolk ontboôn uit alle Landen
 
Een leger van gewicht uitmaakt op Java's stranden;
 
En dat Batavia wapend by dag en nacht,
 
Zonder in kryg te zyn met eenig Oosters Macht.
fathema
 
Maar waarom Agon niet, eer het gevaar koomt nader...389
hassan
390
Ik weet genoeg voor my, niet genoeg voor myn Vader;
 
Gy weet dat Agons hart zo zwak is voor die Soon391
 
Dat het onnodig is dat ik hem gissing toon.392
 
En 't zy het nieuw Verbond, nog niet geheel gesloten393
 
Abdul verplicht om syn geheim nog niet t' ontbloten,
395
't Zy de voorwaarden zyn van dit heylloos Verdrag
 
Dat men ons hier maar zal waarschouwen met de slag;395-396
[p. 80]
 
Abdul scheen met geduld syn Vader aan te hooren
 
En 't deelen van het Ryk syn weezen niet te stooren.398
 
Maar wyl 't goud openbaard alle geheimenis,399
400
En alles by dat Volk voor geld te krygen is,400
 
Heb ik de nodige maatregulen genomen,
 
Om van Batavia zeekerheid te bekomen
 
Wat Steenwyk daar verricht, en waarom zonder nood403
 
De Rheê ziet dagelyks toe takelen haar Vloot?404
405
En 'k hoop nog vroeg genoeg het antwoord te ontvangen
 
Voor Agon, 't Bantams Ryk, en uw en myn' belangen.

Tweede toneel

Fathema. Hassan. Camoeni.
camoeni, aan Hassan
 
EEn van uw Slaven die gereist heeft al de nacht
 
Heeft reeds een korten stond in uw Paleis gewacht,
 
Hy zegd uw is bekend de reeden van verschonen
410
Waarom hy zig alhier op 't Hof niet koomt vertonen.409-410
hassan
 
Dit is waarschynelyk de lang verwachte man,
 
Die my de nodige bewysen geven kan:
 
Ten zy, voor d' eerste maal, het goud mogt ondervinden
 
Dat het Batavia's geheim niet kan ontbinden.414
415
Ik ga, en hoop in 't kort myn Vader te doen zien,415
 
Wie van syn Soons, syn wil het meest zoekt te eerbiên.416
[p. 81]

Derde toneel

fathema
 
IK zie dat men wel haast die Rovers zou befnuyken,417
 
Zoo men in Indiën wist het goud wel te gebruyken,
 
En latende ter zy onnutte dapperheid419
420
Dat Volk altyd bevocht door hare gierigheid:
 
De ondervinding leerd, dat goud is 't eenigst' wapen
 
Waar voor Natuur by haar geen middel heeft geschapen;422
 
En als een tegengift in onse handen geeft423
 
Tegen 't geduchte Staal voor 't welk het Oosten beeft;
425
En zoo men in 't begin dien weg had ingeslagen425
 
Misschien, geen Vorst in 't Oost, die keetenen zou dragen;
 
En door 't goud wel besteed, zou elk geweest zyn vry,
 
Goedkoper, als hen nu kost hare slaverny'.427-428

Vierde toneel

Fathema. Abdul.
abdul
 
MEvrouw, 'k heb lang gewenscht na zulk een dag als heden,
430
Na een dag dat ik zou aan uw bevalligheeden
 
Kunnen ter zelver tyd aanbieden Abduls hand
 
En daar by Bantams Kroon, en d' Oppermacht van 't Land,
 
Het ongelyk van 't Lot op deeze wys' vergoeden,433
 
En u voor onheil in 't toekomende behoeden.434
435
Gy weet hoe dat myn hart heeft, van myn' eerste jeugd,
 
Altyd by Fathema gevonden al syn vreugd.
[p. 82]
fathema
 
Mijn heer, myn Vader hier gevlucht uit syne Landen
 
Heeft Fathema gesteld in uwe Vaders handen.
 
En 't is van hem alleen dat afhangd myne hand.439
440
Maar met myn hand gaat ook myn haat en wraak verpand.
abdul
 
Ik kan niet denken dat Fathema's zachte zeeden441
 
Niet altyd luisteren na de gezonde reeden;
 
Dat in haar ongeval de staat van 't gansche Oost,443
 
Aan haar niet strekken zou tot voorbeeld, of tot troost.
fathema
445
Het Maccassaarsche Bloed, voorheen in 't Oost zo magtig;445
 
Is altyd d' Adeldom van syn Geslacht indagtig;
 
En welke Kroonen nu het Lot aan my ontvreemd,
 
Leer, dat Fathema nooyt voorbeeld van and'ren neemd.
 
De Vorst, die myn Gemaal of die myn Vriend wil weesen
450
Moet voor Batavia en Holland nimmer vreesen:
 
Die Voorwaard' is de eerst' waar op myn hart zig geeft.451
abdul
 
'k Geloof dat niemand, min als ik, voor Holland beeft.452
 
En tot het winnen van een hart van zo veel waarde,
 
Slaat gy aan Abdul voor de ligtste zaak op aarde.454
455
Toon liever aan myn hart, 't geen voor uw schoonheid brand,
 
Iets dat met meerder roem verdienen kan uw hand,
 
Daar ik uitblinken kan tot nut van uwe zaaken457
 
En my Fathema's hart met glory waardig maaken.
[p. 83]
fathema
 
Koom aan, en zo myn hart uw is van eenig' prys,459
460
Geef my dan van uw Liefd' het zeekerste bewys:
 
Zweer hier, en roep met God syn Propheet tot getuigen,461
 
Dat Bantam, onder u, voor Nêerland nooyt zal buigen;
 
Dat gy, ten allen tyd getrouw aan myne haat,
 
Zult eeuwig Vyand zyn van Hollands macht en staat;
465
Dat 't allereerste werk van uw zwaard, en uw handen,
 
Zal zyn Maccassars Ryk te rukken uit haar banden;466
 
Dat gy 't geheele Oost, uit syne laffe rust
 
Gewekt, zult voor myn wraak doen vechten op dees' Kust
 
Tot gy Batavia verbrand in haare wallen,469
470
Met haar Casteel verwoest voor my zult nêer doen vallen;470
 
Dat 'k op de rookend' as van 't pragtigste Gebouw
 
Kan trappen op het hart van de voornaamste Vrouw,
 
Dat ik de honden 't bloed van Indiëns Raên zie drinken,473
 
En dus Fathema's wraak in 't Oosten mag uitblinken!474
475
En geef my dan de keur t' ontvangen uwe hand475
 
Of op dat bloedig puyn, of op Samboepo's strand,
 
Of midden in 't gekerm der Westersche Barbaaren,
 
Of onder 't bly gejuich der vrye Maccassaaren!
abdul
 
Indien Fathema haar' en mijn' belangen zogt
480
Misschien dat sy haar rust door zagter middlen kogt.480
 
Ik denk dat men vergeefs, het geen zy vergt zou poogen,
 
Al kwam 't geheele Oost gewapend voor haar' oogen.
 
Dog wagt niets van die kant: het Oost is niet meer vry,
 
En is alleen bedagt om zagte slaverny;484
[p. 84]
485
Batavia's Casteel heeft Indien doen bezwyken,
 
En 't is geen schande meer voor Hollands magt te wyken.
 
Maar 'k vrees dat Hassan's hand uw beter aan moet staan,
 
Wyl gy 't onmoogelyk aan Abdul kund voorslaan.488
fathema
 
Wie Abdul in myn hart ook hebben mag te vreesen489
490
Het zal nog nu, nog nooyt, een slaaf van Holland, weesen.490
 
En 'k had my wel gewagt aan uw myn hand t' aanbiên,
 
Zo ik in 't zeeker niet uw antwoord had voorzien.492

Vyfde toneel

abdul
 
HOvaardige Princes, uw hart zal zig beklaagen
 
Dat gy uw haat, uw wraak, uw moed zo hoog wilt draagen!494
495
Misschien dat uw haast rouwd het weigren van myn hand,495
 
Indien myn nieuw Verbond gekomen is tot stand,
 
En zo maar vroeg genoeg de hulp daar ik op reeken
 
De onrechtvaardigheid van Agons hart koomt wreeken.
 
Het was dan niet genoeg dat ik Hassan zou zien
500
Een groot deel van het Ryk, en van myn erf, gebiên,500
 
En dat myn Vader durft, tegen all' onse wetten,
 
Tartassa's Kroon op 't hoofd, van ander als my, zetten,
 
Fathema en haar recht vermeerdren Hassans deel503
 
Als of, Bantam alleen, voor my nog was te veel!499-504
[p. 85]
505
En Hassan zoud' aldus, misschien in korte jaaren
 
Voegen by Java's Kust het Ryk der Maccassaaren!
 
Syn Ryk, syn goud, syn macht, zou boven myne gaan,
 
En Abduls lot aan hem en aan Fathema staan!508
 
Dan liever duizendmaal in Hollands wetten leven,509
510
Als hier voor Fathema's en Hassan's hoogmoed beven!
 
Maar, helaas! 'k weet nog niet in deeze droeve dag
 
Of ik op Hollands hulp in 't zeek're reek'nen mag.
 
Steenwyk komt niet weêrom! welk' moet de reden weesen?513
 
Heb ik ook van syn kant verradery, te vreesen?514
515
Heb ik ook by geval een dwaalinge begaan,
 
En my te veel vertrouwd aan dien Europeaan?516
 
Zou hy ook met het goud gereist zyn in syn handen,
 
Niet na Batavia, maar na Europa's stranden!
 
Maar neen, hy koomt daar aan,

Sesde toneel

Abdul. Steenwyk.
abdul
 
ACh, al te wreede Vriend,
520
Met welk' loomheid hebt gy myn ongeduld gediend!520
Steenwyk
 
Ik hoop, wanneer myn Vorst 't verhandelde zal weeten,
 
Dat hy syn ongeduld en gramschap zal vergeeten.
 
Hoe zeer ik van myn kant heb alle spoed gemaakt
 
Is 't egter gister maar dat ik ben klaar geraakt.
525
En zonder 't meerder goud door u aan my gezonden525
[p. 86]
 
Was êr geen hoop geweest voor hulp en tot Verbonden.
 
Want elk Bediend' aldaar, hoe dat hy zig ook houd527
 
Mind wel de Compagny, maar mind nog meer het goud.
abdul
 
Maar hoe legd het Verbond?529
steenwyk
 
Gy zult geholpen weesen
530
En hebt hier voor altoos van Hassan niets te vreesen.
 
Hassan's vermetel hart is daar reeds niet bemind,
 
En gansch Batavia is voor uw meer gezind.532
 
Men haat die dapperheid betoond aan muitelingen,
 
Nog boven maat vergroot door laffe vluchtelingen.533-534
abdul
535
Maar weet gy dat dees' dag verergerd heeft de zaak,
 
En nog vermeerderd heeft de reedenen van wraak?
 
Weet gy dat Agon my Fathema durft ontrooven,537
 
En, met Tartassa's Kroon, haar aan Hassan belooven?
 
Niet dat myn hart zig stoord aan 't verlies van een vrouw,
540
Maar gy weet welke macht ik op haar' rechten bouw;
 
En dat Batavia, door u, my heeft doen hoopen
 
Dat ik met Fathêma ten minst' een Ryk zou koopen.542
steenwyk
 
Ik weet alleen 't geen my by myn komst is verhaald
 
Dat Agon desen dag tot d' afstand heeft bepaald;
[p. 87]
545
Maar gister heeft een Vloot Batavia verlaaten,
 
Die nu reeds weesen moet in zicht van Agon's staaten,
 
En zo de wind en stroom niet merklyk tegen zyn547
 
Is die voor Bantam eer de Son in 't Westen schyn.
 
Die vloot brengd herwaarts aan de nodige beveelen
550
Om Agon te verbiên syn Ryken te verdeelen!
 
En bied aan Fathema, mits sy uw' geev' haar' hand
 
Een van haar' Kroonen weêr, op 't ryk Celebes Strand:
 
En om die Wetten hier te hoeden voor 't verachten,553
 
Zyn op die Vloot gescheepd de nodige Krygsmachten,
555
En St. Martin, beroemd door hart en door verstand,555
 
Koomt en als Veldheer hier, en ook als Afgezant.
 
Dit is 't geen ik voor uw heb weeten te bezorgen.557
 
Maar wyl de Vloot misschien niet komen zal voor morgen,
 
Is 't nodig dat myn Vorst op heeden maar tyd wint,
560
En, zo het moog'lyk is reeden tot uitstel vindt.560
abdul
 
Ik zal ter zyner tyd myn dankbaarheid uw toonen;
 
Ik zal Steenwyk syn trouw en iever dus beloonen562
 
Dat nimmer op dees' kust enig' Europeaan563
 
In rykdom en in macht hem zal te boven gaan.
565
Maar 'k heb syn wyse raad nu meer dan ooyt van nooden565
 
De Grooten van het Ryk zyn reeds op 't Hof ontbooden,
 
En elk van haar werd hier all' ogenblik verwagt;567
[p. 88]
 
Daar kan geen middel meer tot uitstel zyn bedagt,
 
Wat nu gedaan?
steenwyk
 
Van daag zo 't nodig is te veinzen,
570
Te dekken voor het oog al wat uw hart kan peinsen;570
 
Wat ook Agon uw vergd maar willig toe te staan,571
 
Morgen zal alles hier uw wetten ondergaan,572
abdul
 
Maar als die Vloot vertrekt, die hier nu staat te komen,
 
Heb ik, en Hassans woed' en Agons wraak te schroomen.
steenwyk
575
Vreest niet, Sulthân, dit is ook alles reeds voorzien:575
 
Agon zal na 't vertrek der Vloot wel hier gebiên,
 
Maar op dat Abdul hier zig zeeker mag vertrouwen,577
 
Zal men voor zyn verblyf alhier een Casteel bouwen;
 
En door bezetting, die aan uw gebied zal zyn,579
580
Zyt gy Heer in der daad, en Agon maar in schyn.
abdul
 
Een Casteel bouwen hier? Agon zal 't nooyt toestemmen.
steenwyk
 
Europa's moed en kunst zal Agon lichtlyk temmen.582
abdul
 
Maar zo Agon weêrstaat, zo syn onbuigzaam hart...
[p. 89]
steenwyk
 
Dan moet hy aan zig zelv' toeschryven syne smart.
585
En, zo 'k het zeggen mag, als dit uw geest kan stooren,585
 
Dan is en myne moeyt' en myne reys verlooren.586
 
Zo gy met Agon's haat, en Hassan's hoovaardy,
 
Fathema's honend' oog, en uwe slaverny
 
Te vreeden waart, waarom dan uwe Bondgenooten
590
Genodigd om alhier het hoofd te komen stooten?
 
Die heerschen wil moet ook gereed zyn alle uur591
 
Te trappen onder voet 't vooroordeel van Natuur.592
 
Die Vloot voor haar vertrek zal hier een Casteel zetten,
 
't Geen staan zal onder uw', of onder Hassans Wetten,
595
Gy kend Hassan genoeg en weet of syne moed595
 
Zig steurd aan 't geen 't gemeen noemd banden van het bloed!596
 
Zo ras Hassan maar weet Batavia's beveelen,597
 
En dat Agon nog nu, syn Ryk, nog nooit mag deelen,598
 
Dat hy Abdul 't aanbod van Holland ziet afslaan,
600
Neemt hy 't op staandevoet en zonder omzien aan:600
 
Batavia en hy vereênd zullen niet vraagen
 
Of dit aan Agons hart genoegd, of kan mishaagen.602
 
Ik spreek niet van my selv', maar 'k weet welk ongeval,603
 
Aan Abdul, en daar na my ook gebeuren zal.
605
Want Hassan meester hier, zal in 't kort doen berouwen
 
Al wie op Abduls gunst gesteld heefd syn betrouwen!
 
En Abdul's lot, om dat hy d' eerstgeboren is,607
 
Zal zyn, op 't allerminst; eeuwig' gevangenis!608
[p. 90]
Abdul
 
Hassan hier meester zijn! ik van Hassan afhangen!
610
En na syn willekeur, of vry zyn, of gevangen!
 
Zo iemand hier myn recht van eerstgeboort' verkort,
 
Wie weet welk bloed myn hand, en Cris, nog heeden stort!612
 
Hassan hier meester zyn! gy doet myn ogen open,
 
Ik heb twee prikkelen om myn behoud te kopen,614
615
De Heersch-zucht, die toelaat dat men de Wetten schend,
 
En de Noodzaaklykheid, die geene Wetten kend!