Hun dagelyks Voedsel bestaat in Vleesch van allerhande Wildbraad en Gediertes, als Harten, Woudezels, Varkens, verscheidene soorten van Aapen, Cabritten, en wat het Land voortbrengt; als ook in verscheidene zo Zee- als Rivier-Visschen, gelyk Zeekoeyen, Schildpadden, vooral Krabben enz.; en in Vruchten en Wortelen.
Het Vleesch braaden of droogen zy meestentyds op een Berbecot; of zy kooken het zelve met Visch, Wortelen en alles onder een, in hunnen Peperpot, met Atty of Spaansche Peper, die zy overal by gebruiken en eeten.
Hun Brood maak en zy van zekeren Wortel, die by de Arowakken Kalliedallie of Broodwortel, en by de Europeërs en Indiaanen gemeenlyk Cassave genaamd wordt, en waar van wy in't vervolg nader zullen spreeken.
Zy raspen deezen Wortel raauw zynde en schoon gewasschen, zo fyn als Zaagzel: de Raspen daar toe gebruikt wordende zyn gemaakt van Kooper, vyftien of achttien Duim lang, en tien tot twaalf Duim breed, gespykerd op een Plank van drie en een half Voet lang en één Voet in't midden breed: de Negerrin, die de Wortelen raspt, maakt het eene end vast in een Houten Bak, en het andere end tegen haar Borst houdende, en heeft naast haar staan een Mandje met de schoon gemaakte Wortelen, waar van zy in ieder Hand één neemt, en dezelve op die wyze fyn raspt: dan neemt men dit Raspsel om het in de Pers, Jouri genaamd, te doen, en 'er het Sap uit te drukken, waar na het bekwaam is om 'er Brood van te bakken. Sommigen maaken de voor-
noemde Pers van een Houten Bak, die doorboorende met kleine gaatjes, daar zy een Mat of Zeef van dunne Takjes in plaatsen, en het Meel boven op liggen, het zelve bedekkende met een Plank, welke met zwaare Steenen wordt belegt, om het dus door deeze klemming styf uit te perssen: anderen doen het Meel in Zakken, van groene Tienen gemaakt, met Planken van elkander gescheiden, welke toegeparst worden door middel van een zwaar Hout of Stok, wiens eene einde in den Stam van een Boom is vast gehecht, en aan wiens ander einde een zwaare Steen is gebonden, en dus door deezen Hef boom wordt uitgeperst; of zy hangen deeze Zakken aan den Tak van een Boom, en onder aan een zwaaren Steen, wiens zwaarte de Zak uitrekkende, dezelve vernaauwd en dus het Sap uitdrukt: uitgedrukt zynde worden de Stukken op een Berbecot gedroogd, en vervolgens door een Manarie, zynde een Zeef van Iteriet-Bladeren, gezift, dat in een Habba of Mand valt. De Indiaanen, voor dat de Europeaanen hen bekend waren, raspten hunne Cassave op Stukken Hout, Samarie genaamd, met kleine scherpe Steenen; of op scherpe Klipsteenen, die boven in de Rivieren gevonden worden; en bakten de Koeken op Pannen van Klei gemaakt.
Voorts hebben zy overvloed van James, Patates, Wortelen, Vruchten en Boomgewassen, die wy nader zullen beschryven.
De Dronkenschap is een algemeen gebrek by de Indiaanen: zy hebben geen Saamenkomsten of Feesten daar zy zich niet te buiten gaan in hunne sterke en beminde Dranken; waar uit dikwyls twisten en vechteryen ontstaan; schoon de Salivas, een Volk aan de Oronoque, roemen, met Oordeel te drinken, wyl zy beschonken zynde, nooit twisten of vechten zullen.
Hunne Dranken bestaan in Graab, een mengsel van Syroop en Water, het welk drie of vier Dagen gestaan hebbende, sterk genoeg is, om iemand dronken te maaken. Beltier wordt gemaakt van Cassave-Brood, dat zy breeken, of, volgens het zeggen van anderen, door oude Wyven laaten kaauwen, en in Water weeken tot dat het een dikke Pap word, die zy dan tusschen Bladeren laaten droogen, en als zy die gebruiken willen, met Water mengen; zo dat men genoodzaakt is, dezelve drinkende, de Tanden op malkanderen te sluiten, om niet in de Brokken te stikken. De Payewari wordt byna op dezelve wyze bereid,
doch moet maar één nacht staan, waar door ze een scherpe en aangenaame Smaak krygt; doch diende mede wel, om de Brokken, door een Doek gegooten te worden. De Cassyry en Maby, is een Drank van roode James, Patates, Cassave Brood en Suiker, insgelyks toegemaakt; welke twee of of drie dagen te gesten word gezet, waar naar ze een kleur en kracht van ligte roode Wyn krygt, zynde zeer aangenaam om te drinken. De Chica, is een soort van Bier, gemaakt uit verscheide Graanen of Fruiten, maar gemeenlyk van Maïz of Turksche Tarw': na dat zy dit Graan hebben fyn gestooten, maaken hunne Vrouwen 'er Brood af, het welke zy in Palmite bladen bewinden, en dan in een Pot met Water laaten kooken; als dit Brood versch is, kruimelen zy het fyn, en mengen het met warm Water, voorts neemen zy vyf Brooden, die zy Sibery noemen, welke beschimmeld zyn, en maaken dezelve zo fyn als Meel, het welke zy met de voornoemde Pap of vocht mengen, en in Potten laaten gesten, geduurende drie dagen, wanneer het een goed en met maate gebruikt, gezond Bier maakt. De Chica die zy van de Cassave of Manioc wortel maaken, is nog gezonder: zy neemen eenigen van die Koeken, welke zy, nog warm zynde, op elkander liggen, met Palmite bladen bedekken, en, na dat zy gegist hebben, in warm Water uitweeken en in Potten doen, om verder uit te gisten. Deezen Drank noemen zy Pernou of Berria, naar de Berri of Cassave waar van dezelve gemaakt wordt.