Overtuigingen zijn ook altijd emoties. In de beroemde brief die Franz Kafka in 1917 aan zijn vader schreef, de brief waarin hij hem voor eens en altijd op de knieën wilde dwingen en tegelijk diep, te diep voor hem boog, constateert de zoon wanhopig dat het jodendom dat beide mannen had kunnen verenigen, hen in werkelijkheid altijd van elkaar verwijderd hield. Als kind ergerde Kafka zich aan de traditionele rituelen die door zijn vader halfhartig in ere werden gehouden, het ‘beetje jodendom’ dat de winkelier uit zijn ‘kleine gettoachtige dorpsgemeente’ naar de stad had meegenomen.
Kafka's afkeer was zijn vader een doorn in het oog; maar toen de zoon later wel degelijk belangstelling kreeg voor ‘joodse dingen’, was dat ook weer niet goed. ‘Omdat jij altijd al bij voorbaat een afkeer hebt van al mijn bezigheden en vooral van de manier waarop ik belangstelling aan de dag leg, had je die afkeer ook in dit geval. Maar desondanks had toch kunnen worden verwacht dat je in dit geval een kleine uitzondering zou maken. Het was toch jodendom van jouw jodendom dat bovenkwam en daarmee dus ook de mogelijkheid tussen ons nieuwe betrekkingen aan te knopen.’
Maar, voegt Kafka er meteen schuldbewust aan toe, wanneer zijn vader er wel belangstelling voor gehad zou hebben, was het ook niet goed geweest. ‘Ik ontken niet dat die dingen, wanneer jij er belangstelling voor had getoond, juist
daardoor voor mij verdacht hadden kunnen worden. Ik haal het natuurlijk niet in mijn hoofd te beweren dat ik in dit opzicht beter ben dan jij. Maar tot die proef op de som is het helemaal niet gekomen. Door mijn toedoen kreeg jij een afschuw van het jodendom, vond je joodse geschriften onleesbaar, je “walgde ervan”.’ (De vertaling is van Willem van Toorn en Gerda Meijerink.)
Vanwege zijn moeizame relatie met zijn zoon spuwde vader Kafka plotseling op het jodendom dat hij zelf eens gekoesterd had in de tijd dat zijn zoon het niet lustte. Het is dezelfde neurotische dynamiek die je zo vaak in het publieke debat aantreft: opvattingen worden aangepast aan persoonlijke sympathieën. Voor de neoconservatieve professor Cliteur bijvoorbeeld kan het debat niet vunzig genoeg zijn wanneer zijn vijanden onder vuur genomen worden, maar wanneer hijzelf en zijn medestanders het te verduren krijgen, zijn er ineens grenzen aan de vrijheid van meningsuiting. Noem het emotionele logica, de onweerstaanbare neiging om algemene argumenten bij een specifieke voorkeur of afkeer te vinden.
Ik dacht aan Kafka's brief toen ik de reacties las op het gefnuikte bezoek van Nederlandse en Spaanse politici aan Cuba. Aangezien in ons land alles persoonlijk geworden is, werd de Nederlandse politici die geweigerd waren vooral ijdelheid verweten; dacht Boris Dittrich werkelijk dat hij het verkalkte regime van Castro eigenhandig ten val kon brengen? (Een paar dagen later repeteerde Castro zelf alvast door na een toespraak languit te gaan.) In de ingezonden-brievenrubriek van nrc Handelsblad werd vooral gerept van de aanmatigende houding van de Nederlanders, met de overbekende, sleetse argumenten: klein landje met opgeheven vingertje, mediageilheid van een politicus in spijkerbroek, de brutaliteit van een onaangekondigd initiatief onder valse voorwendselen. Maar over de repressie op Cuba, over de dissidenten die vanwege hun meningen zonder een vorm van
proces in de gevangenis zitten, geen woord.
De Spaanse reacties waren ook voorspelbaar, alleen nog kwaadaardiger. De Spaanse politicus die werd teruggestuurd was rechts, de nieuwe linkse regering was net van plan de banden met Cuba weer aan te halen, dus reken maar uit - het was een vuige politieke stunt voor binnenlands gebruik. Over de repressie op Cuba, over de dissidenten, enzovoort.
De houding van links ten opzichte van het bewind van Castro lijkt wel een beetje op de verhouding van Kafka en zijn vader: een emotionele vereenzelviging met de idealen die aan dat bewind ten grondslag lagen, verhindert de voormalige bewonderaars ook na hun ontnuchtering werkelijk onder ogen te zien waar die idealen toe hebben geleid. Kritiek wordt nog altijd gepareerd met drogredenen: onder Battista was het veel erger en kijk eens naar de landen eromheen en wat wil je dan, een eiland waar de dollar regeert en iedereen McDonald's eet, net als in de rest van de wereld? En kijk naar de rabiate Castro-haters, vooral in Amerika. Die zijn meestal ongezond rechts. Reden genoeg om het de Cubaanse dictator niet te moeilijk te maken.
Wanneer je op de barricaden gaat staan, heb ik wel eens geschreven, schrik je nooit van wie er tegenover je staat. Je schrikt altijd van wie er naast je staat. Moet je je daar iets aan gelegen laten liggen? Mij lijkt het dat de druk op Cuba niet hoog genoeg kan worden opgevoerd, zeker na de toegenomen repressie van de laatste jaren.
Hetzelfde geldt voor onze houding jegens Israël. Steeds opnieuw moet je lezen dat het nieuwe antisemitisme een gevaarlijke mengeling is van linkse dweperij met de Palestijnse zaak en islamitische jodenhaat - dus let een beetje op je woorden graag. Vooral bij rechtse joodse intellectuelen in Amerika sluit het gevaar van het nieuwe antisemitisme iedere kritiek op de huidige regering uit; het is immers allemaal verkapte jodenhaat.
In Nederland is in Israël vanaf het begin oneindig veel emotioneel geïnvesteerd en daarom kost het vooral de politiek nog steeds zo veel moeite om in te zien dat het land ten prooi is gevallen aan een gevaarlijk soort paranoia en (religieuze) hysterie, zodat Israël als natie tegenwoordig waarschijnlijk meer van binnenuit wordt bedreigd dan van buitenaf. Dat is een tragedie. Maar ook hier steeds dezelfde drogredenen van de verdedigers tegen de klippen op: alle agressie jegens de Palestijnen wordt uitgelegd als noodzakelijk en defensief; kijk eens naar de landen eromheen, die zijn nog veel erger, en je wilt toch niet beweren dat de Arabieren goed zijn of geboren democraten? En als het erop aankomt ben je liever dader dan nog een keer slachtoffer.
En wat de barricaden betreft: op het moment dat je je verzet tegen de waan van Sharon en zijn regering zal er vast en zeker een fanatieke jihadstrijder aan je zijde staan die zijn eigen nihilisme uitdraagt door de vernietiging van Israël te bepleiten.
Misschien moeten we het woord kafkaësk een nieuwe betekenis geven. Emotie tegen emotie, waan tegen waan.