terug  begin  verderprepost
[p. 41]

Nummer één op de agenda
1 december 1989

Iedereen - van Gorbatsjov tot mevrouw Thatcher en de Nederlandse volksvertegenwoordiging - mag beweren dat de Duitse hereniging niet aan de orde is, bondskanselier Kohl denkt daar anders over. Met zijn verklaring van 28 november voor de Bondsdag heeft hij haar op de internationale agenda gezet, en daarmee staat ze op die agenda - wat de anderen, die er liever de ogen voor sloten, ook mogen zeggen.

De werkelijkheid is dat het, de laatste maanden, niet regeringen en politici waren die uitmaakten wat op de internationale agenda kwam te staan, maar de volken. Zo waren het de massa's in Oost-Berlijn, Dresden en Leipzig die Honecker en de zijnen dwongen tot heengaan en hun opvolgers tot het slechten van de muur tussen Oost- en West-Duitsland.

Zeker, dat hebben ze niet gedaan met de Duitse hereniging als leidende gedachte in hun hoofd. Bij de min of meer geïmproviseerd georganiseerde oppositie was - en is - zelfs het tegendeel eerder het geval. Maar het resultaat was toch maar een miljoenvoudige vereniging van Duitsers uit Oost en West, een massale manifestatie van nationaal saamhorigheidsgevoel. Zoiets kan, ook als de Urheber er anders over denken, niet zonder staatkundige gevolgen blijven.

Iedereen is door deze ontwikkeling overrompeld, hoewel te voorzien was dat, zodra het in Polen en Hongarije begon te schuiven, de ddr geen ongenaakbaar eiland van stalinistische rust zou blijven en dat dus haar positie op enigerlei wijze in het geding zou komen. Maar iedereen dacht dat dit nog zo'n vaart niet zou lopen. Welnu, het heeft zo'n vaart gelopen. Binnen zes weken is de Duitse kwestie van academisch tot kwestie nr. 1 geworden.

Ook de regering in Bonn heeft dit allemaal niet voorzien,

[p. 42]

nog minder georkestreerd. Dit zo zijnde, moet de verklaring die Helmut Kohl voor de Bondsdag over de Duitse kwestie heeft afgelegd, beschouwd worden als een teken van verrassende wilskracht en reactiesnelheid, te verrassender omdat deze eigenschappen meestal niet met de bondskanselier worden geassocieerd.

Natuurlijk, hij voelde de hete adem van de binnenlandse politiek in zijn nek, en dan reageert hij altijd 't best. Als hij de ontwikkeling in de ddr op haar beloop zou hebben gelaten, zou iemand anders - de spd of iemand in eigen partij - zich als kampioen van de nationale zaak hebben opgeworpen, en dat kon Kohl zich, met de verkiezingen van 1990 in het zicht, niet veroorloven.

Maar dat is een heel eerbaar motief en doet in elk geval niet af aan de verdienste van een verklaring die ook qua inhoud van staatsmanschap getuigt. Immers, de ddr wordt niet gedwongen nog verder in het stof te bijten waarin ze al ligt. De structurele hulp die zij nodig heeft - en die slechts de Bondsrepubliek haar in voldoende mate kan geven - wordt alleen afhankelijk gemaakt van vrije verkiezingen en van afschaffing van een bureaucratie die die hulp bij voorbaat zou doen mislukken.

En de ‘confederale structuren’ tussen beide Duitse staten, die Kohl in de toekomst mogelijk acht? Is dat een dictaat opgelegd aan de ddr? In de eerste plaats veronderstelt een confederatie, in tegenstelling tot een federatie, de onafhankelijkheid van de samenstellende delen. Dus de ddr blijft daarin soeverein. In de tweede plaats wijkt zo'n gedachte niet veel af van de ‘verdragsgemeenschap’ die Hans Modrow, de minister-president van de ddr, al voorgesteld heeft.

Wie weet dat confederaties - en zeker confederaties van twee - nooit een lang leven beschoren is en dat ze meestal òf uiteenvallen òf het voorstadium zijn van federaties, vindt het heel natuurlijk dat Kohl die laatste staatkundige vorm heeft genoemd als een in nòg verdere toekomst liggend doel. Het zou trouwens, gegeven de verplichting die de grondwet hem oplegt, vreemd zijn als hij dat einddoel niet had genoemd.

Wat Kohl met zijn verklaring, die de instemming had van de hele Bondsdag (behalve de Groenen), heeft gedaan is een po-

[p. 43]

ging ondernemen de onberekenbare ontwikkeling in het andere deel van Duitsland binnen zekere perken te houden, te beheersen. Daartoe is de Bondsrepubliek de meest gerede partij - ook volgens de ddr zelf, die zich in de eerste plaats tot haar om hulp keert.

Maar is de Europese Gemeenschap dan niet de meest gerede partij? Idealiter wel. Idealiter zou het samengaan van beide Duitse staten, teneinde het spook van een ‘Vierde Rijk’ niet te laten opdoemen, automatisch moeten voortvloeien uit een Europese integratie. Maar Europa bestaat nog niet als politiek handelsbekwame eenheid. Dus valt de Bondsrepubliek de taak van integrator van de ddr toe. Wanneer Kohl spreekt van het ‘overwinnen van de deling van Europa en daarmee van ons vaderland’, heeft hij dan ook de volgorde verkeerd. Maar dat is niet zijn schuld.

Komt dit alles niet neer op het opkopen van de ddr door de Bondsrepubliek? Wie nog een beetje gelooft in het marxistische primaat van de economie, moet die vraag bevestigend beantwoorden. Als voor de ddr het heil moet komen van de Westduitse industrie, zal er weinig overblijven van een ‘socialistisch alternatief’, waarin een elite van haar intellectuelen - communisten en oppositionelen - nog gelooft blijkens een ‘appel’ waarmee zij reageerde op Kohls verklaring.

Maar spreken die intellectuelen namens de bevolking van de ddr? Te vrezen valt dat deze, in grote meerderheid, de buik vol heeft van alle socialisme - dus ook van het socialisme van een goedwillende elite - en slechts hoopt de vleespotten van de Bondsrepubliek zo snel mogelijk ook in de ddr te zien dampen. En die roep om hereniging zal sterker worden naarmate de tastbare resultaten van een zelfstandige Oostduitse hervorming verder uitblijven.

We doen er dus goed aan er rekening mee te houden dat de ontwikkeling naar hereniging zich sneller zal voltrekken dan zelfs Kohl - om niet te spreken van zijn buren - lief is, zoals alles de laatste maanden sneller is gegaan dan iemand had verwacht. Het is tenminste Kohls verdienste dat hij, bij ontstentenis van een Europees kader, een Duits kader heeft ontworpen waarbinnen die ontwikkeling althans een kans heeft zich min of meer geordend te voltrekken.

[p. 44]

Verzet daartegen van buitenaf - van Franse, Russische, Amerikaanse of welke kant dan ook - kan slechts bewerkstelligen wat iedereen wil voorkomen: herleving van een Duits nationalisme.

prepostterug  begin  verder