[p. 20]
[Op een dag van mist en regen]
O
P een dag van mist en regen
Kwam ik Pieter Koning tegen;
Pieter Koning sprak mij aan
En is met mij meegegaan.
Maar in 't zelfde oogenblik
Werd de mist wel eens zoo dik;
'k Zocht en riep nog menig keer,
Maar nooit zag 'k Pieter Koning weer.