[p. 39]
Verhaaltje
Kwam laatst een boerenkamertje binnen,
zat een vlo op het tafellinnen,
vroeg aan de vlo: ‘Waar zit de baas?,’
zei de vlo: ‘Op de binnenplaats.’
Liep vlug naar de binnenplaats toe,
stond bij de muur een magere koe,
vroeg aan de koe: ‘Is de baas hier ook?’,
zei de koe: ‘Is vandaag naar Mook.’
Ben ik gauw naar Mook gegaan,
trof er den knecht in de herberg aan,
vroeg aan den knecht: ‘Is de baas in huis?’
zei de knecht: ‘In de bedstee thuis.’
Toog ik snel naar de bedstee heen,
vond er den boer met een houten been,
vroeg aan den boer: ‘Is de baas er, buur?’,
zei de boer: ‘Bij het keukenvuur.’
Zocht ik gauw toen de keuken op,
Zat de boerin te krabben op haar kop,
vroeg aan de boerin: ‘Bent u de baas?’
zei ze: ‘Welnee, die vlo hiernaast!’