terug  begin  verder
[p. 18]origineel

De godvrugtige.

 
'k Heb al wat mij kan behaagen,
 
Vader, die mijn hart verheugt:
 
Gij deedt mij naar Jesus vraagen
 
Bij 't ontluiken van mijn jeugd.
 
 
 
'k Leer van hem mijn Schepper vreezen.
 
ô Wat is mijn hart verblijd,
 
Om dat God mijn God wil wezen,
 
En dat gij mijn vader zijt.
terug  begin  verder