[p. 45]
origineel
De verdraagzaamheid.
B
roêr; gij moet den meester klagen,
Dat de stoute Flip u sloeg.
Eer ik zulk een leed verdroeg
Zou ik liever alles wagen.
Zou hij strafloos heene gaan?
Noen, de meester moet hem slaan.
Keesje zei, dat doe ik niet;
Als nu Flip eens straf moest lijden,
Zou dat mij van smart bevrijden?
Wraakzucht geeft ons maar verdriet.
'k Zou, indien hij wierd geslagen,
Voor hem nog verschooning vragen.