[p. 94]
IX [VVaerom ghy meer als ick?] + *
- VVaerom ghy meer als ick?
-
- Ick quijn; een ander sal mijn Lief haer trouw ontfaen:
- Twee Roosen even schoon d'een plucktmen d'aer blijft staen.
- Cur tu praeponeris mihi?
-
- Haec rosa, & illa rosa est: placet haec, neque carpitur illa.
- Non pariter meritis fit bene cûique suis.
- Par rencontre non par merite.
-
- De deux esgalles Fleurs de l'une on fait eslite.
- De deux Amants pareils l'un n'a ce qu'il merite.
|
+ a. ontfaen: ontvangen; d'aer: de andere 1636: dan ick; deez' pluykt men; die blijft staen. b. Waarom wordt gij boven mij gesteld?
- Hier een roos en daar een roos: de één behaagt en d'ander plukt men niet.
- Niet ieder vindt gelijk naar zijn verdiensten het geluk.
c. Bij toeval, niet door verdienste.
- Van twee gelijke Bloemen wordt alleen de ene uitverkoren.
- Van twee gelijkwaardige Minnaars verkrijgt slechts een wat hij verdient.
|