terug  begin  verder

[p. 75]

395 A Monsieur, Monsr Joost Baak, bij 't oudemannenhujs, in No 3. tot Amsterdam.

(Baak: Muyden 20 en 22 7mbr beantw 23 ditto. 1630)

Loont.

 

1 Monsr et frere,

 

2 Nae dat zijne Vorstl. Doorl. in zijn voornoemen van hier over te2 3 komen, tot op eergister avondt, gewankelt had, zonden de 4 HH Wijtz ende Huighens bejde hunne brieven af, tussen 10 ende 5 11 ujren, inder nacht, ujt Amersfoort bij eenen zekeren boode, 6 dieze mij ten 10 1/2 ujre, voor de poorte van Naerden leverde, met de 7 fraeije onschult, datmen hem dronken had gemaekt, ende daer7 8 door belet beter te spoeijen. De Heer Prins gezint heden inden8 9 Haeghe te zijn, daer hij zeer nae ijverde om de daghvaert, vondt9 10 goedt gister middagh tot Naerden te eeten, naedenmiddagh, deze 11 plaets te bezichtighen, ende des avonts zijne intreede tot Weesp te 12 doen; 't welk als 't heden geschiedde, gemerkt de tijdt daer toe12 13 < nodigh >, mitsgaeders 't bezightighen vande burghers in 14 waepenen, ende geleghenheit der plaetse, ondoenlijk was dezen 15 avont zich inden Haeghe voors te vinden. Zijne Vorstl. Doorl. 16 heeft tot Weesp geslaepen ten huize van Sr Laurens Schouten, als 17 UE moet bekent zijn, ende trok heden morghen ontrent half 18 achten van daer; welvernoeght, zoo 't scheen, vande goedthartigh-18 19 heit, inde landzaten van dit geweste gespeurt, ende met alle 20 heusheit overbodigh, hun in 't geene tot versterking der plaetsen,20 21 dient, te begunstighen. De wijn quam rechts op 't ujterste oghen-21 22 blik aen, ende mits het spoeijen zijner Vorstl. Doorl, ook dat de22 23 zelve ende andere Heeren, tussen de maeltijden, beter met bier 24 gedient waeren, wert luttel gedronken: zulx mij dunkt ick de rest24 25 van dien van Mujden zal voor mijn voorraedt overneemen. Wiste 26 daerom gaerne oft hij wat zal konnen dujren op den tap. Want26 27 als hij wat toegemaekt waere, gelijk vaeken gebeurt, als de wijn-27 28 koper reke maekt, op vaerdigh ujtdrinken, zoo diende daer wat op28 29 gelet. UE gelieve mij te laeten weeten watze kost, dat ick de 30 betaling verzorghe. 'T en waere 't vertrouwen tussen ons zijnde,30 31 ick zoude mij ontzien te zeggen, dat hij immers zoo luttel aerds31 32 heeft van de rechte Rijnsheit als mijn Overmoezelsche, zulx

[p. 76]

33 datmen mij, hem lichtlijk voor eenen goeden Franschen zoude 34 doen drinken. Doch heb van de dunste tongen niet, ende verlaet34 35 mij bet op anderen. Weet ook wel dat UE maer te veel moejte ende35 36 zorghe hier mede gehadt ende mij ten hooghsten verplicht heeft. 37 Maer vermaen het, ten einde UE daer op gelieve te letten, in 't37 38 maken van den prijs: welwenschende de zelve hier eens moght38 39 komen verzoeken.

40 'T is wonder hoe 't Plan alzoo ook op de laetste ujre, quam op-40 41 gedondert. Zeker wel te passe. Want Hopman Jan vanden Bos het41 42 zijne, nevens andere papieren, op den Haeghe, had gezonden,42 43 als houdende de herwaertsreize af te zijn. Ick zend' het mon frere43 44 Hasselaar weder, om den HH burgermeesteren te behandighen. 45 Wij zouden leelijk verleghen geweest zijn, zonder dit. Gelijk ick45 46 ook om veele niet en wilde, van Stadsweghe, oft Burgermr Boom46 47 en waere hier geweest, om plicht te bewijzen.

48 Met de zake van Manmaker ist dus geleghen. Hij heeft zijnen last48 49 ontfangen van wijlen Prinsse Mauritz Ho. Ged., nojt van den 50 jeghenwoordighen, maer sedert de doodt des anderen vervolght50 51 zonder wederzeggen, tot nu toe. Zulx hy niet eighentlijk afgezet is, 52 maer gelaten aen te houden. Niettemin schijnen hier toe wightighe52 53 redenen te zijn, die ick niet wel heb konnen gronden. Doch vatte 54 wel zoo veel, dat hij d'achtbaerheit des Prinssen, wel wat te stijf,54 55 ende quaelijk ter zaeke moght hebben gedreven, tot onbenoeghen 56 zijns meesters. De geen die nu zijn' plaets bewaert, doet het maer 57 bij maniere van versien ende tot naeder orde. 'T is de H. de Wit,57 58 gewoonlijk Pensionaris der H H Staeten van Zeelant, een bequaem58 59 persoon, maer geneghen tot goede sier maken, ende geen doodt- 60 vijant van den wijn: zoo ick bericht word. 'T welk zijne mis- 61 gunners breedt genoegh ujtmeeten. Men heeft gezeidt, dat ook de 62 geheimschrijver Junius verlaten was van zijn ampt, hier is niet aen,62 63 ende heb 't hem noch heden zien oeffenen, bij instellen van een63 64 bescheit mij rakende ende ter handt bestelt, ter oorzaeke van een' 65 doodslagh in mijn bedrijf gevallen.65

66 D' eene moejte is niet over, oft ick en vind mij geperst UE een' 67 andere te verghen. Dat is Claes den metselaer nu voorts te drijven, 68 zoo veel eenighzins moghelijk is. Want de tijdt jaeght ons, ende68 69 leght op zijn vertrek, als UE weet: dewelke

70 Monsr et frere, met alle die UE lief zijn, den almoghenden bevolen 71 blijve, nevens hartlijke groete ende gebiedenis van

 

72 U E

73 Gansdienstwen Broeder

74 P C Hóóft.

[p. 77]

75 Vanden Hujze te Mujden

76 XX Sep. 1630. in haeste

 

77 De veerman heden morghen aen landt gebleven zijnde, ende deze 78 met eenen, zal hier zeggen 't geen gisteravont inder haest vergeten 79 had, dat Sweeling hier quam op eergister avont ontrent half zeven, 80 als ick reeds bij zijn' Vorstl. Doorl. tot Weesp was, ende braght bij 81 tot zijne verschoninge, dat hij maer eerst te 4 ujren, van UE was81 82 aengesproken. Mijn' Hujsvrouwe had hem gaerne nae Weesp 83 gehadt, maer zijn waeghen was wegh, ende de duister viel; zulx 84 wij hem daer niet en kreghen. Niettemin heeft de clavecim wat 85 beter gestelt, ende hier vernacht. Nu wilde wel dat UE hem zijne85 86 waghenvrachten betaelde van mijnen 't weghe. Zijne moejte denk 87 bij anderen weghe t' erkennen. Ende gebiede mij op nieuw aen UE. 88 xxj Sep. 1630.

 

89 Dit 's nu ten derdenmaele bij mangel van bestellinge, dat ick dezen 90 opene, ten einde van daer in te slujten een plaester, ujt Tacitus, om90 91 op de blaeren te leggen, die UE om ons voorts te helpen, magh 92 inde voeten geloopen hebben. Maer ick ken mij zelf eenen 93 ellendighen artst, ende waerdigh des bijnaems van eenen dien de 94 boeren in Goeijlandt, Meester Jan Zonderzalf heeten. Mijn' goede 95 wil dient wel een dubbel man ende tefeens werk en weetenschap te95 96 strekken. 'T welk UE gelieve haer te gunnen.96

 

Verslag van het haastige bezoek van de Prins aan Muiden, Naarden en Weesp, maar niet aan het Slot. Zorg over de overgeschoten wijn. - Het ontslag van Manmaker en verdere Zeeuwse bestuurszaken (vgl. 392).

Origineel. UBA II C 13.154.
T.r. 57 versien, l. versich?
2hier over: hierlangs, langs deze weg.
7onschult: verontschuldiging.
8gezint: van zins.
9daghvaert: vergadering van de Staten v. Holland.
12't welk enz.: en als dit vandaag gebeurde, was het onmogelijk vanavond in Den Haag te zijn.
gemerkt enz.: de tijd in aanmerking genomen, daartoe, en tot het inspecteren van de schutterij en de ligging van de plaats nodig.
18goedthartigheit: goede gezindheid.
20heusheit: welwillendheid.
21rechts...ogenblik: net op het nippertje.
22mits het spoeijen: door het haasten; dat: (mits) dat.
24zulx enz.: zodat 't mij het beste dunkt dat ik enz.
26dujren op den tap: goed blijven nadat het vat aangestoken is omdat eruit getapt wordt.
27toegemaekt: klaargemaakt.
28vaerdigh: binnenkort.
30'T en waere: Als er niet was.
31immers...heeft: minstens zo weinig de aard heeft.
34Doch heb enz.: Maar ik ben geen wijnproever.
35maer te veel: maar al te veel.
37vermaen: noem.
38maken: overeenkomen; de zelve...verzoeken; (dat je) hem hier eens kon komen proeven.
40't Plan: het ontwerp, vgl. 387 r. 4.
41opgedondert komen: plotseling komen (WNT opdonderen 453).
42op: naar.
43af te zijn: niet door te gaan.
45Gelijk...bewijzen: Zoals ik ook om een lief ding niet wilde dat burgemeester Boom hier niet geweest was, om zijn opwachting te maken.
46van Stadsweghe: om de indruk die de stad zou maken.
48last: aanstelling.
50heeft vervolght zonder wederzeggen: is aangebleven zonder dat ertegen geprotesteerd is.
52gelaten: nagelaten.
54dat hij d'achtbaerheit...gedreven: dat hij wel wat te stijf, en waar het niet zo te pas kwam, op de eer van de Prins gestaan mocht hebben.
57bij maniere van versien: om er voorlopig in te voorzien; Boudewijn de Witte, † 1641, secretaris van Goes 1601-1625, daarna van de Staten van Zeeland.
58gewoonlijk: ordinaris.
62niet aen: niets van aan.
63instellen: opstellen.
65bedrijf: ambtsgebied (WNT bedrijf 1227 b).
68de tijdt...vertrek: het seizoen, de zomer (de brief is van 21 september), d.w.z. het wordt tijd om de winterkwartieren in Amsterdam te betrekken (wat niet kan tijdens de verbouwing).
81maer eerst: pas; van UE was aengesproken: bericht van u gehad had.
85gestelt: gestemd.
90ten einde van: om; plaester: pleister.
95een dubbel man strekken: voor twee tellen.
teffens werk en weetenschap: niet alleen het werk maar ook de kwaliteit daarvan.
96haer: de wil; gunnen: toestaan, toekennen.

terug  begin  verder