terug  begin  verderprepost
[p. 257]

Bij de derde, herziene druk

Diverse collega's hebben mij op kleine onjuistheden in de eerste druk gewezen, die ik nu heb gecorrigeerd. Bij deze mijn dank aan hen. Voorts werd er van diverse kanten opgemerkt dat het toch erg nuttig zou zijn geweest als er een register zou zijn. Een beknopt register en een verklarende woordenlijst heb ik nu ook toegevoegd, dit ondanks mijn standpunt dat dit boek niet is bedoeld als leerboek, en als u eventjes iets niet snapt of vergeten bent, moet het mogelijk zijn verderop de draad weer op te vatten, ook zonder het register en de woordenlijst te raadplegen. Het register en de woordenlijst bevatten bijna alleen namen en begrippen die verscheidene keren in het boek voorkomen, omdat deze anders veel te lang zouden zijn geworden.

Bij de vierde, herziene en bijgewerkte druk

Verdere ontwikkelingen hebben zich voorgedaan waardoor ons inzicht in de wereld van de allerkleinste bouwstenen steeds scherper werd, maar het beeld dat ik in dit boek heb geschetst, verandert daar niet wezenlijk door. Slechts kleine correcties waren nodig. Quarks van het type ‘top’ zijn nu experimenteel gedetecteerd, waardoor het standaardmodel nu bijna volledig is (het wachten is nog op de directe bevestiging van het Higgsdeeltje, waarvan we nog steeds niet weten hoe zwaar het is).

Recente berichten in de media als zou men een ‘substructuur’ van de quarks hebben ontdekt, zijn nog volstrekt prematuur, en we leggen die nog gewoon naast ons neer. De theorie die zegt dat er bij hogere energieën een supersymmetriestructuur moet zitten in de elementaire deeltjes, wint steeds meer aanhang. Wat dit betreft kijkt men met spanning uit naar de resultaten van de Europese deeltjesversneller lhc (Large Hadron Collider) die vanaf omstreeks 2006 te verwachten zijn. Voorlopig hoef ik echter nog niets te herschrijven.

[p. 258]

Bij de zesde, herziene en bijgewerkte druk

Nadat de schrijver dezes een eerzame onderscheiding ten deel is gevallen voor zijn bescheiden bijdrage tot de ontwikkeling van de ideeën die hier beschreven zijn, meende hij nogmaals aanpassingen te moeten aanbrengen. Het standaardmodel staat als een huis, zodat de eerste helft van het boek nauwelijks wijzigingen behoefde. Er zijn wat fraaiere figuurtjes aan toegevoegd. Maar met veel energie trachten de onderzoekers de diepere wortels van het standaardmodel uit te graven, en er nieuwe elementen aan toe te voegen. Wat dit betreft stapelen de nieuwe bevindingen zich op.

De supersnarentheorie vindt nog steeds volop aanhang, ook al heeft men nu het accent verlegd naar wat nu ‘M-theorie’ heet, zijn er allerlei soorten membranen (de ‘p-branen’) aan toegevoegd, en erkent men nu ook het belang van de ‘zwarte gaten’ in deze theorieën. Strikt genomen zijn alle deeltjes, snaren en embranen nu ‘zwart’. Nog steeds worden deze ideeën omgeven door een waas van geheimzinnigheid, maar ze zijn belangrijk genoeg om er extra aandacht aan te besteden. Ook de kosmologie, of ‘heelalkunde’ mocht nu niet meer ontbreken.

 

Gerard 't Hooft, augustus 2002

prepostterug  begin  verder