[p. 193]
origineel
Aanhangsel, Eeniger Zededigten en Gezangen
[p. 195]
origineel
Dankzegging, Na de
Herstelling uit een schielyk overval
.
Klinkdigt.
G
Y die uw Kindren réd, in 't nypen van den nood
,
ô Albespiegelend, volmaakt, en eewig wezen!
Getrouwe toeverlaat van Weduwen, en Weezen!
En aller kranken hulp, in 't grynzen van de dood!
Genadeschenker, die uit 's Hemels Starreschoot
,
My nu zoo menigwerf, in 't midden van myn vreezen
,
Uit Vaderlyke zugt, en Liefde hebt genezen
,
Als menslyke Artseny te zwak haar bystand bood:
Myn God! waar mé! waar mé zal ik u dankbaar zyn?
Gy wilt nog Kalf, nog Stier, nog bloed, nog offerwyn
:
Maar 't regtgebroken hart, om zyne schuld beladen
,
Dat 's 't eenig offer, dat uw Majesteyt behaagt
,
Dat myn verflaude ziel u hier ten offer draagt:
En! wyz' uw kind niet af, ô Vader der genaden!