Inleyding tot de hooge schoole der schilderkonst: anders de zichtbaere werelt

Samuel van Hoogstraten

* Bij deze tekst wordt ook de mogelijkheid geboden om de originele pagina's te bekijken via de knop ‘origineel’ naast het paginanummer.


Inhoudsopgave

Op de tytelprint.

Opdracht Aen de Edele, Gestrenge, en Grootachtbare Heeren, mijn heeren ,

Op de rym-en schilderkunst van Sr. S.v. Hoogstraten .

Van de schilderkonst.

Euterpe, De Redewikster. Het eerste Boek .

Inleiding.

Eerste hooftdeel. Hoe zommige zeer vreemt tot de Konst zijn gekomen ; en wat geesten tot de zelve bequaem zijn .

Tweede hooftdeel. Van vroeg te beginnen, nae goet onderwijs te trachten, en 't zelve wel in 't werk te stellen .

Derde hooftdeel. Hoemen met ordre te leeren heeft .

Vierde hooftdeel. Van het oogmerk der Schilderkonst; watze is, en te weeg brengt .

Vyfde hooftdeel. Van de Teykenkonst .

Zesde hooftdeel. Van verscheyde wijzen van teykenen, en stoffen daer toe noodich .

Zevende hooftdeel. Hoe de zichtbaere Natuer zich bepaelt vertoont .

Achtste hooftdeel. Nutticheit van veel met opmerken te teykenen .

Polymnia De Rederijkster. Het tweede Boek .

Inleiding.

Eerste hooftdeel. Van de gelijkheyt en ongelijkheyt der zweeming .

Tweede hooftdeel. Van de Kroostkunde .

Derde hooftdeel. Van 't Konterfeyten ; of eens menschen gelijkenis te verbeelden .

Vierde hooftdeel. Van de welschaepenheyt, Analogie, ofte proportie, in't gemeen .

Vijfde hooftdeel. Van de ontleeding; en eerst van 't geraemt .

Zesde hooftdeel. Van de Muskulen en Spieren, en haere werkingen, vertoont in de Figueren 2. 3. 4. in de Print A en B.

Zevende hooftdeel. Van de meetinge eens menschelijken lichaems .

Achtste hooftdeel. Beschrijving van de Beelden in de Print D .

Negende hooftdeel. Beschrijving van de Kindertjes in de Print letter E .

Tiende hooftdeel. Van de gebreeken en de leelijkheyt .

Clio De Historyschrijfster. Het derde Boek .

Inleiding.

Eerste hooftdeel. Van de Algemeenheyd in de Schilderkonst .

Tweede hooftdeel. Tot voordeel van die maer tot eenige byzondere verkiezingen bequaem zijn .

Derde hooftdeel. Van de dryderley graden der konst .

Vierde hooftdeel. Vervolg van de drie graeden in de Schilderkonst .

Vyfde hooftdeel. Van byvoegsels door Zinnebeelden en Poetische uitvindingen .

Zeste hooftdeel. Wat men in het uitbeelden van eenige geschiedenis heeft waer te nemen? Waer uit niet alleen geleert zal worden, wat tot een Historie, of bekende daed word vereischt ; maer zelfs ook meest al wat eenich byzonder deel der konste betreft .

Zevende hooftdeel. Van de Persooneele kennis ; of d' eerste waerneming in de daedt van een geschiedenis .

Achtste hooftdeel. Van de hartstochten en driften des gemoeds: Zijnde het eerste lit in de tweede waerneminge ; te weten van de daed der Historie .

Negenste hooftdeel. Van de doening, in de daed der Historie, het tweede lid der tweede waerneeming .

Erato. De Minnedichtster. Het vierde Boek .

Inleiding.

Eerste hooftdeel. De derde waerneming, in 't uitbeelden van een Historie, is d'omstandige gelegentheit oprecht te vertoonen. En voor eerst op wat tijdt de zaeke geschiet is .

Tweede hooftdeel. Van de Plaets .

Derde hooftdeel. Van Bouwstoffeering, Huisprael, en vryheit in 't verzieren en versieren .

Vierde hooftdeel. Kolommen, Piramyden en andere toestel tot de B ouwkunst behoorende als mede van vaertuig .

Vijfde hooftdeel. Van Landschappen .

Zeste hooftdeel. Van de Omstandicheit, ofte bywerk .

Zevende hooftdeel. Van 't Hair .

Achtste hooftdeel. Van bekleedingen .

Negende hooftdeel. Van Wapenen, en Krijgsgeweer .

Tiende hooftdeel. Van allerley Huisraet .

Elfde hooftdeel. Van Gedierten .

Thalia. De Kluchtspeelster. Het vijfde Boek .

Inleiding.

Eerste hooftdeel. Van 't ordineeren in 't gemeen .

Tweede hooftdeel. Hoemen 't ordineeren moet aenvangen .

Derde hooftdeel. Van de minzaeme harmonie, of gevoeglijkcheyt en maetschiklijkheit in hoegrootheit .

Vierde hooftdeel. Gematichtheyt in 't ordineeren .

Vierde hooftdeel. Samenbeweging, sprong en troeping, of de Muza der Teykenkonst .

Zeste hooftdeel. Hoemen zich van eens anders werk dienen zal .

Zevende hooftdeel. Zijn Konst openbaer te maeken .

Achtste hooftdeel. Wegens d'Uitspanning .

Negende hooftdeel. Vervolg van 't voorgaende .

Terpsichore De Poëtersse. Het zeste Boek .

Inleiding.

Eerste hooftdeel. Tot Aenmoediging .

Tweede hooftdeel. Van 't koloreeren. En eerst van iets vlax .

Derde hooftdeel. Van de Verwen .

Vierde hooftdeel. Van der Verwen beteykening .

Vijfde hooftdeel. Van de vermengde verwen .

Zeste hooftdeel. Wegens de kolorijt van het menschelijk naekt. Ronding. Hair, &c .

Zevende hooftdeel. Van 't Hair en Kleedy .

Achtste hooftdeel. Van Gedierten .

Negenste hooftdeel. Van 't Landschap .

Tiende hooftdeel. Van de Handeling of maniere van schilderen .

Melpomene, De Treurdichtster. Het zevende Boek .

Inleiding.

Eerste hooftdeel. Van 't begin, opgang, en ondergang der Schilderkonst .

Tweede hooftdeel. Van veelerley Licht .

Derde hooftdeel. Van de graeden van schaduwen en lichten .

Vierde hooftdeel. Wat de schaduwe, schamping, en dikte der locht, aen de verwen ver andert .

Vyfde hooftdeel. Van licht en schaduwe in 't gemeen, en desselfs graeden, van lichter of donkerder .

Zeste hooftdeel. Van de schaduwen der Zonne, en haere streekvallen .

Zevende hooftdeel. Van de Deurzigtkunde .

Calliope, De Heldedichtster. Het achtste Boek .

Inleiding. Van de Gratien in't gemeen.

Eerste hooftdeel. Van de Schoonheyt, dat'er een Kunstgeregelde Schoonheyt is .

Tweede hooftdeel. De schoonheyt watze is, en waerze in bestaet .

Derde hooftdeel. Hoe de Schoonheyt by d'ouden is betracht .

Vierde hooftdeel. Van de Dansleyding, dat is, de welstandige en bevallijke beweeging der Beelden, of anders de Graselijkheyt in allerley doeningen .

Vyfde hooftdeel. Thaleye de derde Gratie. Van de Houding, Samenstemming, of Harmonie in't koloreeren .

Zeste hooftdeel. Van de Tuiling, Schakeering, of byeenschikking der verwen .

Zevende hooftdeel. Schikking van schaduwen en lichten .

Achtste hooftdeel. Van voorkoming, wechwijking, en verkorting .

Negende hooftdeel. Hoe zich een Konstenaer te draegen heeft tegens 't gewelt der Fortuine .

Tiende hooftdeel. Vervolg van't voorgaende .

Urania De Hemelhefster. Het negende Boek .

Inleiding.

Eerste hooftdeel. Van verscheide gebruiken van schilderen .

Tweede hooftdeel. Van verscheiden aert en gedaente van Schildery, en wijze van schilderen .

Derde hooftdeel. Vervolg van't voorgaende Hooftdeel, en hoe Natuur somtijts zelfs schildert en beelden vormt .

Vierde hooftdeel. Wat vruchten een Konstenaer ten loon van zijnen arbeyt te verwachten heeft .

Vijfde hooftdeel. De tweede vrucht der konst. Winst en Rijkdom .

Zeste hooftdeel. Van de derde vrucht der Konst, dat is, wat eer en glory door haer te bekomen is .

Register Ofte inhoud der voornaemste zaeken, in yder Boek en Hooftdeel verhandelt.

Drukfouten, by den Auteur in't naeleezen ter loops aengemerkt, met verzoek dat de Lezer de verdere letterfeylen gelieve te verschoonen of te verbeteren.