terug  begin  verderprepost
[p. 73]

46 Ed. Hoornik aan A.A.M. Stols, 19 april 1939

19 April '39.

 

Beste Sander,

Op 12 Mei wordt er in Den Haag een literaire avond gehouden, waarop ik een aantal ‘jongeren’ zal inleiden.142 Die avond zal er werk van ons worden tentoongesteld, en zullen er waarschijnlijk gesigneerde exemplaren worden verkocht. Uit commercieel oogpunt zou het dus prettig zijn, als mijn bundel vóór dien datum kon verschijnen. Over de avond zelve schrijf ik je nog nadere bijzonderheden.

Vriendelijke groeten:

Ed Hoornik.

142Deze door de redactie van Werk georganiseerde literaire avond werd niet op 12 mei 1939 maar op dinsdag 6 juni 1939 gehouden in de Haagsche Kunstkring aan de Lange Houtstraat in Den Haag. In Het Vaderland van 7 juni 1939 stond een verslag van de avond, waaruit bleek dat Hoornik een lezing over moderne poëzie hield en dat onder anderen Jac. van Hattum en L.Th. Lehmann voorlazen uit eigen werk.
Hoornik zei onder meer: ‘Wie regelmatig kennis neemt van de nieuwe poëzie zal opmerken, dat deze dichtkunst meer op de werkelijkheid betrokken is dan vroeger het geval was. Eenerzijds is dit een gevolg van het niet te loochenen feit, dat de sociale en politieke omstandigheden den hedendaagschen schrijver vaak buiten zijn wil dwingend beheerschen, anderzijds moet men dit zien als de nawerking van een reactie door “Forum” ingezet tegen de fondant-poëzie der epigonen van Marsman en Engelman.’ Voorts introduceerde Hoornik het begrip ‘verharde romantiek’ om het werk van de nieuwe generatie te karakteriseren. Men kon namelijk volgens hem zien dat, ‘hoe grauwer aspecten die realiteit vertoont, hoe meer zich ook de eeuwige kracht van het romantisch verlangen laat gelden.’ (Het Vaderland 7 juni 1939.)
prepostterug  begin  verder