terug  begin  verderprepost
[p. 97]

69 A.A.M. Stols aan Ed. Hoornik, 4 oktober 1939

4-10-39

 

Beste Eddy,

Heden met verlof vond ik je brief aan mijn vrouw betreffende de afwerking van den bundel van Achterberg alsmede de aanvraag voor de auteursexemplaren, waarmede ik mij geheel accoord verklaar.

Het is momenteel razend druk op de drukkerij, doch ik hoop dat alles normaal zal verloopen.

Eerst moeten de vier romans klaar die ik dit najaar uitgeef, en dan komt de rest aan de beurt. Het is toch nog een heel programma geworden, zooals bijgaand lijstje je leert.230

Nadat ik Cordan er reeds een drietal weken van in kennis had gesteld, dat ik hem niet langer gastvrijheid kon verleenen, heb ik hem vanmorgen in een minder aangenaam onderhoud moeten vertellen, dat er uiterlijk Vrijdag daadwerkelijk een einde aan moet komen. Ik kan het onmogelijk meer bekostigen; hij is nu ruim twee maanden hier. Als ik niet gemobiliseerd was geworden, zou ik heel misschien kans hebben gezien hem in de uitgeverij als zeer bescheiden medewerker in te schakelen. In de drie weken voor de mobilisatie is mij evenwel gebleken, dat hij voor welk practis [sic] werk ook volkomen onbruikbaar is. Ik had evenwel medelijden met hem en stond hem toe nog wat te blijven zoolang ik het betalen kon en mijn vrouw ermee accoord ging. Hij is evenwel zeifs als boodschappenjongen en pakknecht onbruikbaar. Dus iets verdienen kan hij niet. Je begrijpt, dat ik hem, nu mijn vrouw en kinderen alleen thuis zijn, niet verder thuis kan laten. Het is heel beroerd voor hem, maar ik kan er ook niets aan doen. Misschien is hij nu wel geprikkeld, je weet hoe dat gaat, en zal hij misschien tot een anderen uitleg komen. Maar nu weet jij tenminste hoe het zit, en kun jij onze wederzijdsche vrienden inlichten. Daarbij komt, dat hij mij met Centaur eigenlijk beet heeft gehad. Hij heeft steeds beweerd, dat de kosten door relaties zouden betaald worden. Alles wat ik gezien heb is 250 gld, nog niet genoeg voor het eerste nummer.231 Alles bijeen handen vol geld; ik moet er nu mee stoppen, hoezeer ik het heele geval stakkerig vind.

Schrijf je me weer eens gauw?

Met hartelijke groeten van

[A.A.M. Stols]232

230Het bijgevoegde lijstje is niet bewaard. Naast de romans Drijvend casino van Jo Otten, Jacht op het noodlot van Theo J. van der Wal, De biecht van een bezetene door J.J. de Maagd, en Ketters aan de poort van Pauline Plantenberg-Marres, en Achterbergs bundel Eiland der ziel, gaf Stols in het najaar van 1939 verder uit: Poëtisch Appèl 1939, De ziel der steden van J.J. van Geuns, de roman Figuren in het zand en het gedicht De rattenvanger van Maurits Mok, Gerard den Brabanders vertaling Koning Bohoesj van Rainer Maria Rilke, Keur uit liefdeverzen van de Hongaarse dichter Giza Ritschl, Strijd en vlucht op papier van S. Vestdijk, en Visioen en geboorte van Hendrik Cramer.
231Al op 16 september 1939 had Cordan aan Hoornik geschreven over de financiële moeilijkheden van Centaur, die uiteindelijk zouden leiden tot de stopzetting van het tijdschrift: ‘Unser junges Centaurchen bedrohen ernsthafte Wolken. Durch Clearing und Einfuhrverbot in England und Frankreich erleiden wir - vorläufig, denn später läuft die Sache wieder - einen ausfall von 165.-fl an festen Abnehmern pro Nummer. Zudem ist die Schwester von Dr. Hartog, die mir Unterstützung versprochen hatte, vor einiger Zeit gestorben und gestern erreicht mich der Bericht, dass Dr. Hartog selbst in dem Aufregungen der letzten Tage einen Schlaganfall erlitt und sofort verschied. Dies ist für mich persönlich ein sehr schwerer Schlag, für den Centaur ist es höchst fatal.’
232Van deze brief is slechts het afschrift, waarop de ondertekening ontbreekt, bewaard gebleven.
prepostterug  begin  verder