terug  begin  verderprepost
[p. 124]

95 Ed. Hoornik aan A.A.M. Stols, 22 januari 1940

[Amsterdam,] 22-1 [19]40341

 

Beste Sander

Aan de copie van ‘Tafelronde’ was minder te doen dan ik dacht, zoodat ik je thans reeds de resteerende hoofstukken kan zenden.342

Krijg ik, zoodra het boekje gezel is, òòk nog eens proeven van de reeds gezette hoofdstukken.

Binnendijk doet nml. met mij samen de correctie; je hoeft dan geen angst meer te hebben voor germanismen!343

Hartelijks

Je Eddie

341Op grond van de opmerkingen over Tafelronde is voor deze volgorde van br. 94 en br. 95 besloten.
342Op 17 januari (br. 92) had Hoornik al het eerste deel van Tafelronde aan Stols gestuurd. Welke hoofdstukken Hoornik nu zond, is niet achterhaald.
343Blijkbaar had Stols in een eerdere brief, die niet bewaard is gebleven, een opmerking gemaakt over Hoorniks gebruik van ‘germanismen’ in Tafelronde; welke germanismen Stols bedoelde, is niet achterhaald. D.A.M. Binnendijk had in 1940 de poëziekroniek in Groot Nederland van Hoornik overgenomen.
Binnendijk verklaarde in het in memoriam-nummer van De Gids: ‘Vóór de tweede wereldoorlog [...] spraken Eddie en ik elkaar geregeld en die gesprekken werden steeds gekenmerkt door een grote mate van hartelijke vriendschappelijkheid en wederzijds vertrouwen, ook als het zeer persoonlijke aangelegenheden betrof, en van een onbewimpelde kritische openhartigheid bij het waarderen van ons beider werk.’ (D.A.M. Binnendijk, ‘Een herinnering’, in De Gids 133 (1970) 3 (maart), p. 174.)
prepostterug  begin  verder