De groote schouburgh der Nederlantsche konstschilders en schilderessen. (3 delen)


auteur: Arnold Houbraken


bron: Arnold Houbraken, De groote schouburgh der Nederlantsche konstschilders en schilderessen. B.M. Israël Amsterdam, 1976 (3 delen, fotografische herdruk)


verantwoording

inhoudsopgave

doorzoek de hele tekst


downloads



DBNL vignet

[Lukas de Waal]

Nu komen wy tot LUKAS de WAAL Jansz. geboren te Antwerpen in 't jaar 1591. Al wat van katten komt wil muizen, zeit het oude Hollandsche spreekwoord. Dus was het ook met dezen Lukas, wiens Vader een Schilder was. Want

[p. 147]origineel

hy mede trek hebbende tot de Konst, maakte eenen aanvang daar van by zyn Vader, en daarna by Jan Breugel, wiens handelinge hy wonder wel heeft weten te volgen. Hy trok al vroeg, het reizen in 't hoofd hebbende, eerst naar Vrankryk, en van daar naar Italien, daar hy veele fraaije Konstwerken zoo in Fresco, als in Olyverf gemaakt heeft. Hy hadde doorgaans meer veranderingen, of meer verscheiden verschillige voorwerpen in zyne werken, als wel zyn Meester. Want men zag somtyds vremde watervallen langs rotsige gronden: ook zonneschynen, weerlichten en onweerbuijen in zyne werken te pas gebragt, die hy met een lossen aart natuurlyk vertoonde. Hy was in het jaar 1660 nog in leven, oud zynde 69 jaren, en woonde te Antwerpen; daar hy met lust en yver dagelyks de Konst oeffende.