De groote schouburgh der Nederlantsche konstschilders en schilderessen. (3 delen)


auteur: Arnold Houbraken


bron: Arnold Houbraken, De groote schouburgh der Nederlantsche konstschilders en schilderessen. B.M. Israël Amsterdam, 1976 (3 delen, fotografische herdruk)


verantwoording

inhoudsopgave

doorzoek de hele tekst


downloads



DBNL vignet

[Gerard Honthorst]

GERARD HONTHORST, geboren binnen Utrecht, in het jaar 1592. Heeft de gronden van de Konst geleerd by Abram. Bloemaert, daar naar voort te Romen; daar hy in eenige jaren zoodanig was toegenomen, dat de keurigste kenners en beminnaars van de Schilderkonst groot bevallen in zyn werk, inzonderheid zyn nagtlichten, kregen; gelyk hy ook naderhand van verscheiden Kardinalen, den Koning van Engeland Karel den I., den Koning van Denemarken, en eindelyk van den Prins van Oranje in dien tyd, om zyne uitstekende Konst, zoo in Pourtretten

[p. 150]origineel

als Ordinantien is aangezogt geweest.

Hy was byzonder minzaam, beleeft en van een geregelt leven; waarom hy ook vele Kinderen van de voornaamste luiden in de Konst heeft onderwezen, inzonderheid die van de Koningen van Bohemen, zuster van Koning Karel van Engeland, den Prins Palatin, Prins Robbert, en vier Dochters, waar van d'eene was Sophia, ook de Abdisse van Maubuisson, die veer in de Konst gekomen waren.

Hy heeft vele Beeltenissen van aanzienlyke luiden geschildert, en onder deze ook Maria de Medicis, Koningin van Vrankryk enz. daar Jan Vos dit op zeit:

 
Dus toont zig Medicis, een Moeder van drie Ryken,
 
De doren van de nydt verstikt haar leelybloem:
 
Al wat Fortuin aan veel der Grooten ooit deed blyken,
 
Heeft zy alleen gevoelt. Onzeeker is de roem.
 
Haar klimmen word verpoost door zwaare ballingschappen.
 
De troonen zyn van goud; maar glibberig van trappen.

Hy was in den jare 1662 nog in leven, en schilderde op het Prinselyke Lusthuis in 't Bosch buiten den Haag.