De groote schouburgh der Nederlantsche konstschilders en schilderessen. (3 delen)


auteur: Arnold Houbraken


bron: Arnold Houbraken, De groote schouburgh der Nederlantsche konstschilders en schilderessen. B.M. Israël Amsterdam, 1976 (3 delen, fotografische herdruk)


verantwoording

inhoudsopgave

doorzoek de hele tekst


downloads



DBNL vignet

[Lowys de Vadder]

LOWYS de VADDER geboren te Brussel, was een fraai landschapschilder en byzonder yverig in 't naspeuren van den aart, en eigenschap der boomen, gronden enz. minder en meerder wykingen, naar mate van hunnen afstant, en wat meer om een goed landschapschilder te wezen dient in agt genomen te worden. Men zegt van hem; dat hy (eer Aurora met glans gehult 't hoofd boven de kimmen stak om den komenden dag aan te kondigen) al op de been was om agt te geven hoe de nagtdampen allengskens door haren gloed verdunt zynde, de dingen zig klaarder en klaarder aan 't oog ontdekken, tot aan 't uiterste verschiet, 't geen hy met een konstig oordeel in zyn stukjes heeft waargenomen. Daar by zietmen overal in zyn werk zulke zoete spiegelingen van boomen en

[p. 217]origineel

gronden in de zoetvloeijende beken, die hy doorgaans te pas bragt, dat zyn werk yders oog streelden. Deze had tot zyn Leerling

LUKAS ACHTSCHELLINKS mede van Brussel, die een goed landschapschilder was; en zyn meesters handeling heel wel wist na te bootsen.