De groote schouburgh der Nederlantsche konstschilders en schilderessen. (3 delen)


auteur: Arnold Houbraken


bron: Arnold Houbraken, De groote schouburgh der Nederlantsche konstschilders en schilderessen. B.M. Israël Amsterdam, 1976 (3 delen, fotografische herdruk)


verantwoording

inhoudsopgave

doorzoek de hele tekst


downloads



DBNL vignet

[Van Aelst]

De Boeken van J. Sandrart door bladerende vind ik in het 3. Boekdeel van zyn Teutsche Academie op pag. 69. gemeld van eenen van AELST, die niet alleen een hoogvlieger in de Schilderkonst, maar ook een voornaam Bouwmeester was; waarom hy ook door den Magistraat van Antwerpen werd uitgekeurd om de Eerepoorten, naar zyn bestek, te doen vervaardigen, tegens d'intrede van Filippus den tweeden, Zoon van Karel den vyfden, in den jare 1550. Van wien ook de Boeken:

Siciliae & Magnae Graeciae Historia, ex antiquis
numismatibus illustrata
. (met Medaljes) en
De Romanae & Graecae antiquitatis monumentis
é priscis Numismatibus erutis, per Hubertum
Goltzium Herbipolitanum Venlonianum,
civem Romanum
, geschreven zyn.

Deze van Aelst is de zelve dien K. v. Mander Pieter Koek van Aelst noemt, en die overleden is tot Antwerpen kort na den jare 1550. Want zyne naargelaten schriften van de Bouwkunde werden in den jare 1553 door zyn Weduwe Maayken Verhulst in druk uitgegeven. Hy liet ook een Zoon na Paulus genoemt, die ook de Konst oeffende, en getrouwd is geweest, uit wien gelooft word (schoon van Mander alleen van zyne Weduw meld, en

[p. 228]origineel

zeit: Dat zy naderband getrouwd is geweest aan Gillis van Koningsloo.) dat van Aelst in de beschryving der Stad Delf op 't jaar 1602 aangetekent (thans het voorwerp voor onze pen) zyn oorspronk heeft.