De groote schouburgh der Nederlantsche konstschilders en schilderessen. (3 delen)


auteur: Arnold Houbraken


bron: Arnold Houbraken, De groote schouburgh der Nederlantsche konstschilders en schilderessen. B.M. Israël Amsterdam, 1976 (3 delen, fotografische herdruk)


verantwoording

inhoudsopgave

doorzoek de hele tekst


downloads



DBNL vignet

[Daniel van Heil]

Nu eischt ook eene plaats

DANIEL van HEIL geboren te Brussel in 't jaar 1604. Gelyk dezes geboortestad met die van den voorgaanden in tusschenstand verschilde, zoo verscheelden zy nog meer in de verkiezinge van hun penceelwerk. Want de voorgaande scheen

[p. 237]origineel

tot verlustiginge van 't gezigt, deze op een ontroeringe in de ziel der aanschouwers toe te leggen. Want hy schilderde meest Brandstigtingen en diergelyke voorwerpen die ysselyk zyn om aan te zien.

Nochtans ('t geen tot zyn lof getuigt word) was alles zoo natuurlyk dat'er niets als de nette aan ontbrak. Onder zyne voorname stukken worden geteld de ondergang van Sodom en Gomora met de gansche landstreke, door een vuur uit den Hemel &c. en het verbranden van Troje, daar men ziet, hoe,

 
Toen Sinons toorts de stad verdelgde door baar vlam
 
De Koning Priam lag voor 't oog van zyne maagen,
 
Geharnast op den grond door Pyrrhus zwaart verslagen;
 
Daar Hekuba den val van haar beroemden stam
 
Betreurde, op 't bloedig lyk van haar' gemaal gezegen;
 
 
 
Of daar Eneas torst Anchises op zyn schouders,
 
En geeft Askaan de hand in 't midden van 't gekerm;

teekenen die diergelyke Historische verbeeldingen kenbaar maken.