De groote schouburgh der Nederlantsche konstschilders en schilderessen. (3 delen)


auteur: Arnold Houbraken


bron: Arnold Houbraken, De groote schouburgh der Nederlantsche konstschilders en schilderessen. B.M. Israël Amsterdam, 1976 (3 delen, fotografische herdruk)


verantwoording

inhoudsopgave

doorzoek de hele tekst


downloads



DBNL vignet

[Jan Albertsz. Roodtseus]

Zyn Stadt- tyd- en Konstgenoot JAN ALBERTSZ. ROODTSEUS was een vermaart Schilder van levensgroote pourtretten, en daar in zoo veer gekomen dat velen dezelve zoo waardig van Konst hebben geschat als die van Bartolom. vander Helst waar aan wy zoo even gedagthebben: dog dit, eer ik myn toestemming daar aan zou geven, moest eerst ter proef gebragt, en met malkander vergeleken worden, daar ik wel lust, maar geen tyd of gelegenheid toe gehad heb.

Hy was een Leerling van Pieter Lastman. Te Hoorn in de oude en nieuwe Doele zyn verscheiden gezelschappen van Schutters door hem geschildert, die byzonder geroemt worden, getekend 1651, 1652, en 1655, wanneer hy veertig jaren oud was. Hy was een man zedig in zyn gedrag en byzonder naarstig in zyne oeffening; en liet een Zoon na Jakobus genaamt. Deze was een Leerling van den ouden de Heem wiens wyze van schilderen hy wonder wel wist na te bootsen, zoo dat hy in zyn tyd geld en agting aanwon; dog was van een zwaarmoedigen geest bezeten, waar uit sommigen, die aan de Predestinatie geen geloofslaan, besluiten dat hy zyn levensdraad ver-

[p. 12]origineel

kort heeft. Hy stierf ontrent den jare 1681, oud zynde vyftig jaren.

 

Gelyk onder de Dichtkundigen, de een zig tot het trompetten van Heldendaden, en andere ernstige gevallen, op het voorbeeld van den Mantuaanschen Maro; anderen wederom tot vrolyke Minnedeunen en fabeldichteryen als Nazo: sommigen zig tot Bybelstof, anderen tot klugt; deze tot blyde Huwlyksdeunen, en gene in tegendeel hunne pennen tot droeve Lyk- en Treurzangen hebben gewent, en elk in zyn verscheiden verkiezinge te pryzen is, ook met dus te doen de Konst, en Zangberg opbouwt en dienst daar aan toebrengt: even dus is het ook in opzigt der Schilderkonst, en der zelver behandelaars (daar niet min veranderingen in opzigt van 't verkiezen der voorwerpen te bespeuren zyn) gesteld.