De groote schouburgh der Nederlantsche konstschilders en schilderessen. (3 delen)


auteur: Arnold Houbraken


bron: Arnold Houbraken, De groote schouburgh der Nederlantsche konstschilders en schilderessen. B.M. Israël Amsterdam, 1976 (3 delen, fotografische herdruk)


verantwoording

inhoudsopgave

doorzoek de hele tekst


downloads



DBNL vignet

[p. 292]origineel

[Hendrik van Streek]

Onze Juriaan van Streek kwam te overlyden, tot Amsterdam in 't jaar 1678 op den 12 van Zomermaand. Hy liet een Zoon na HENDRIK van STREEK genaamt, hem tot Amsterdam geboren in 't jaar 1659 op den II van Grasmaand: welke eerst van zyn Vader in de teekenkonst onderwezen de Beeldhouwerykonst leerde by Wil. vander Hoeven, waar aan hy zig nog hout. Deze heeft echter altyd een zugt tot de Schilderkonst gehad, als hier aan blykt: dat hy na het overlyden van zyn Vader 't penceel (op den raad van Melchior de Hondekoeter) aanvaarde, onder opzigt van Emanuel de Wit, dien hy tot dien einde eenige maanden in huis nam. Gelyk ik ook verscheiden gezigten van Kerkjes van hem gezien heb, die geheel den aart van schilderen naar Em. de Wit hebben.

Zyn Vaders beeltenis, gevolgt naar 't geen hy zelf geschildert heeft, zietmen in de Plaat K met een bonnet op 't hoofd onder dat van I.H. Roos.