De groote schouburgh der Nederlantsche konstschilders en schilderessen. (3 delen)


auteur: Arnold Houbraken


bron: Arnold Houbraken, De groote schouburgh der Nederlantsche konstschilders en schilderessen. B.M. Israël Amsterdam, 1976 (3 delen, fotografische herdruk)


verantwoording

inhoudsopgave

doorzoek de hele tekst


downloads



DBNL vignet

[Martinus Zaagmolen]

Hier aan volgt MARTINUS ZAAGMOLEN. Van dezen heb ik een groot stuk verbeeldende het laatste Oordeel gezien, waar in zig een byna ontelbaar getal van beelden zoo groot als kleen, ook jonge en volwasse Engelen deden zien. De meeste van die waren wel natuurlyk verbeeld; aangezien de zelve zoo bleek geschildert waren, dat het schimmen of geesten geleken. Men zeit dat Jan Luiken in zyn jeugt by hem de Teeken- en Schilderkonst geleerd heeft. 'K wil 't ook gelooven; aangezien men dikwerf even dusdanige betrokken wezens in zyne Beeltjes, en slegtharige Engelen, door zyn etsnaalt verbeeld ziet.