De groote schouburgh der Nederlantsche konstschilders en schilderessen. (3 delen)


auteur: Arnold Houbraken


bron: Arnold Houbraken, De groote schouburgh der Nederlantsche konstschilders en schilderessen. B.M. Israël Amsterdam, 1976 (3 delen, fotografische herdruk)


verantwoording

inhoudsopgave

doorzoek de hele tekst


downloads



DBNL vignet

[Willem Wissing]

In dit zelve jaar 1656 werd de berugte Konstschilder in pourtretten Guilelmus, anders WILLEM WISSING in den Haag geboren.

Zyn eerste onderwyzer in de Konst was Wilh. Doudyns, by wien hy eenige jaren bleef, tot dat hy (behalve de teekenkonst) ook de behandeling der verwen verstont. Na welken tyd hy zig naar Engeland (want hy was geneigt tot het pourtretschilderen) begaf om onder opzigt van Pieter Lely zig vorder te oeffenen, 't geen tot zyn geluk en roem uitviel. Want hy zoodanig in Konst toenam, dat hy eerste Hofschilder wierd van Koning Jakob den tweeden, die hem ook (na dat zyn Dochter Maria, met Willem den III. Prins van Oranje en Stadhouder van Holland, getrouwt was) van Londen over zont naar den Haag; om hun beider Beeltenissen, voor hem, naar 't leven af te schilderen.

Hy werd gehouden voor den besten pourtretschilder in dien tyd, en zyn ryzende konstzon zoo helder in den ochtentstond van zyn leven uitschitterende in de oogen van zyn benyders, heeft velen doen gelooven, dat hy door den wech van vergif naar de Elizeesche velden gezonden is. Wat daar van is laten wy daar. Maar hy is gestorven op het Lanthuis van de Graaf van Essex, buiten Londen op den 10 van Sprokkelmaand des jaars 1687. Pas 37 jaren oud. Waarom men ook onder zyn Borstbeeld door J. Smit geschraapt, leeft:

[p. 362]origineel
Immodicis brevis est aetas.

Dat is:

Ongemeene Konstenaars leven niet lang.

Nevens hem komt de brave paarde - en Bataljeschilder DIRK MAAS ten Toneel. Deze werd geboren te Haarlem op den 12 van Herfstmaand 1656. Zyn eerste onderwyzer in de Konst was Hendrik Mommers, die gemeenlyk Italiaansche Groenmarkten schilderde, een Haarlemmer van geboorte, overleden in zyn 74 jaar 1697. Daar na begaf hy zig by N. Berchem in wiens wyze van schilderen en voorwerpen hy beter gevallen had; en eindelyk door omgang met J. van Hugtenburg heeft hy zig geheel tot het paardeschilderen overgegeven.