[p. 47]
De papegaai die rijk werd
Pierewierepeer
en pierewierepaai,
een juffrouw uit Langweer
die had een papegaai.
Hij heette Hannes Worstje en
hij woonde in een klomp,
hij at graag oude korstjes en
dronk water uit de pomp.
Maar op een dag
o wee o wee,
toen nam de koning Hannes mee.
Toen heette hij John Sausijsje en
hij sliep op rood satijn,
hij at gebak en ijsjes en
dronk alle dagen wijn.
Hij kreeg een papegaaietroon
en ook een papegaaiekroon,
en bij de juffrouw uit Langweer
daar kwam hij toen niet meer.
O pierewierepeer
o pierewierepaai,
zo'n lelijke papegaai.
[p. 48]