terug  begin  verder
[p. 12]

2 Tekstgeschiedenis

Blijkens een mededeling aan het slot van de roman (p. 410) is De donkere kamer tussen mei 1952 en juli 1958 geschreven. Het werk is niet in één ruk neergeschreven: in deze periode schreef Hermans behalve zijn proefschrift een roman, een aantal verhalen, twee toneelwerken en vele essays. In november 1958 verscheen de eerste druk bij G.A. van Oorschot te Amsterdam. Vervolgens verschenen tien drukken, die echter beter met de term oplaag aangeduid kunnen worden, daar al deze drukken van het zetsel van de eerste uitgave stammen, hetzij direct (de tweede tot en met vierde druk zijn van zogenoemd staand zetsel gedrukt), hetzij indirect (de vijfde tot en met tiende druk zijn foto-offset-drukken naar de derde druk). Het schema van de verschillende uitgaven geef ik daarom als volgt weer:

Eerste druk, eerste oplaag november 1958
tweede oplaag, herzien januari 1959
derde oplaag, herzien augustus 1959
vierde oplaag mei 1961
vijfde oplaag oktober 1962
zesde oplaag februari 1963
zevende oplaag april 1966
achtste oplaag juni 1967
negende oplaag februari 1970
tiende oplaag, herzien juni 1971.NOOT1

Niet alle drukken zijn gelijk: zowel bij het gebruik van staand zetsel als van het foto-offsetprocédé is het mogelijk vóór de herdruk in de tekst veranderingen aan te brengen. Dat is driemaal gebeurd: tweemaal in 1959 en eenmaal in 1971. Deze constatering is echter in tegenspraak met aanduidingen in de drukken zelf. Op de verso van het titelblad van de negende druk bijvoorbeeld staat het volgende lijstje afgedrukt:

Eerste druk november 1958
Tweede herziene druk januari 1959
Derde herziene druk augustus 1959
Vierde herziene druk oktober 19622
Vijfde herziene druk oktober 1962
Zesde herziene druk februari 1963
[p. 13]
Zevende herziene druk april 1966
Achtste herziene druk juni 1967
Negende herziene druk juni 1970.

De hier gewekte suggestie dat de tekst negen maal ter perse gelegd zou zijn en dan telkens herzien, komt niet overeen met de werkelijke drukgeschiedenis.3 De vierde tot en met negende druk zijn ongewijzigde foto-offsetdrukken naar de derde, herziene druk; ze zijn zonder voorkennis en zonder toestemming van de auteur geproduceerde uitgaven. Eind 1961 al had Hermans in het openbaar tegen een soortgelijke herdruk van zijn roman De tranen der acacia's geprotesteerd4, eind 1962 volgde onder de titel Tweede waarschuwing tegen Van Oorschot een protest tegen de vierde en vijfde druk van De donkere kamer5. In beide gevallen wees de auteur erop dat de gewraakte herdrukken niet de door hem gewenste herziene tekst bevatten, terwijl de uitgever aan de vierde en vijfde druk van De donkere kamer niettemin de aanduiding ‘herziene’ had gegeven; de waarschuwing tegen de ongeautoriseerde drukken van laatstgenoemde roman is vergezeld van een lijstje van errata bij deze roman. Deze zaak ging een zeer belangrijk element uitmaken in een langdurig conflict tussen auteur en uitgever, waarbij enkele malen juridische hulp werd ingeroepen. In september 1970 tenslotte werd dit conflict opgelost, waarbij de auteur het recht van correctie werd toegekend. In 1971 kon dan ook zowel van De tranen der acacia's als van De donkere kamer een herziene uitgave verschijnen. In het geval van laatstgenoemde roman was dat een foto-offsetdruk, waarin behalve de in de Tweede waarschuwing vermelde errata nog een aantal nieuwe wijzigingen werden opgenomen. De veranderingen zijn in de tekst van de derde druk geplakt en meegefotografeerd. Ze zijn vaak in één oogopslag te zien, door verschil in inktsterkte ten opzichte van de oude tekst, door grote spatie tussen de woorden waar de variant minder ruimte inneemt dan de oude tekst, door het gebruik van een ander lettertype (een andere Garamond) voor de varianten. Behalve hierdoor wordt deze editie in typografisch opzicht ook nog ontsierd door te vet afgedrukte gedeelten, door verschoven letters en door inktvegen. De drukaanduiding in deze tiende druk luidt:

Eerste druk november 1958
Tweede herziene druk januari 1959
Derde herziene druk augustus 1959
Vierde druk oktober 19626
[p. 14]
Vijfde druk oktober 1962
Zesde druk februari 1963
Zevende druk april 1966
Achtste druk juni 1967
Negende druk februari 1970
Tiende, opnieuw herziene druk 1971.

Ten opzichte van die in de negende druk weerspiegelt deze lijst, in het ontbreken van de aanduiding ‘herziene’ bij de vierde tot en met negende druk en in de aanduiding die deze uitgave aan zichzelf toekent, het hierboven vermelde conflict en de oplossing daarvan.

De eerste en de tweede herziening uit 1959 betreffen elk ongeveer vijfentwintig wijzigingen. Het gaat om correcties van feitelijke onjuistheden (gegevens uit de werkelijkheid buiten de roman), stilistische veranderingen, inhoudelijke uitbreidingen en om varianten waarvan de functie is het door bepaalde wijzigingen ontstane typografisch verloop zoveel mogelijk te beperken. De belangrijkste variant wordt gevormd door een kranteartikel over de zaak-Osewoudt (episode 41 in mijn inhouds-overzicht in hoofdstuk 3), dat in de tweede druk toegevoegd is.7

In de tiende druk zijn op circa dertig plaatsen wijzigingen aangebracht. Behalve correcties van enkele drukfouten en van enkele feitelijke onjuistheden, betreffen de varianten vooral de verbetering van inconsistenties binnen de romanwerkelijkheid: een aantal gegevens die de roman verschaft zijn nu hechter met elkaar verbonden. Na het slot van de roman is een Wittgenstein-citaat opgenomen (zie hieronder pagina 41).8 In de titel is de spelling ‘Damocles’ gewijzigd in ‘Damokles’.

Hermans is een auteur die voortdurend in de herdrukken van zijn publikaties verandert. Hij heeft zich enkele malen over deze wens tot perfectie geuit:9

‘Er schijnen schrijvers te bestaan die geen letter meer veranderen in een boek dat eenmaal is gedrukt. Ik ben niet zo'n schrijver. [...] Waarom is de verbetering die ik in een latere druk aanbreng, me niet te binnen geschoten bij het corrigeren van de eerste? Waarom is de eerste druk niet meteen volmaakt geweest? [...] Ik zou waarschijnlijk niet schrijven als ook schrijven iets was dat onmiddellijk helemaal goed moest zijn. [...] Ik zou willen dat alle oude drukken van boeken die in verbeterde vorm herdrukt zijn, als bij toverslag tot stof uiteenvielen, ook al gaat het maar om een comma.’
[p. 15]

Het is in verband hiermee dan ook niet verwonderlijk dat Hermans vele malen zijn ongenoegen erover heeft kenbaar gemaakt dat hem de mogelijkheid werd ontnomen de hierboven bedoelde drukken van De tranen der acacia's en van De donkere kamer te herzien.10

De donkere kamer van Damokles is, de vele drukken bewijzen het, het eerste boek van Hermans geweest dat een groot succes kende. Het werd vertaald in het Engels (1962), Frans (1962), Deens (1961), Noors (1962), Zweeds (1962) en Fins (1963).

In 1963 kwam een film uit naar de roman De donkere kamer; de regie had Fons Rademakers, de titel was Als twee druppels water, een uitdrukking die tweemaal in de roman voorkomt (p. 149, 379). Oorspronkelijk had de auteur zelf een scenario vervaardigd, dat echter door de regisseur afgewezen werd. Rademakers maakte daarop een nieuw scenario, waarin vergeleken met het verhaal van de roman veranderingen waren aangebracht die tot andere interpretaties leidden. Hermans was noch met dit scenario, noch met de hiernaar vervaardigde film gelukkig.11 Niettemin publiceerde hij (anoniem) een exposé bij de film, waarin hij boek en film twee varianten op eenzelfde thema noemde.12 In dit boekje wordt de film verder buiten beschouwing gelaten.

[Voor herdrukken ná 1971, zie hierboven p. 8.]

NOOT(Van vaak geciteerde publikaties wordt alleen bij de eerste aanhaling de volledige titel gegeven; zie overigens ook de Bibliografie.) [Zie ook hierboven p.8.]
1Voor de problematiek rond de aanduiding van de verschillende uitgaven van De donkere kamer zie: Frans A. Janssen, ‘Notities bij de aanduiding van herdrukken[...]’, in Spektator 4 (1974-1975), nr. 5 (febr. 1975), p.275-283. Het schema is iets vereenvoudigd: er bestaan exemplaren die op het titelblad 1966 vermelden maar waarvan de drukvermelding gelijk is aan die van de uitgave van 1963: zie Mededelingen van de documentatiedienst Nederlands Letterkundig Museum [...], onder ‘Hermans’, 1966.
2Een vergissing: lees ‘mei 1961’.
3Het volgende is een samenvatting van Frans A. Janssen, ‘Varianten in orde en chaos’, in Raam nr. 80 (jan. 1972), p.26-39.
4‘Waarschuwing’, in Podium 16 (1961-1962), nr. 1 (okt. 1961), p.3 van het omslag; de auteur voelde zich ook financieel benadeeld.
5‘Tweede waarschuwing tegen Van Oorschot’, in Podium 17 (1962-1963), nr. 3 (dec. 1962), p.141-142.
6Een vergissing: lees ‘mei 1961’.
7Over deze varianten Janssen, ‘Varianten in orde en chaos’, p.37; Hermans zelf hierover in het interview van H.U. Jessurun d'Oliveira, ‘W.F. Hermans’, in idem, Scheppen riep hij gaat van Au. Interviews, 3e bijgew. dr., Amsterdam, 1967, p.18.
8De varianten in de tiende druk zijn beschreven en becommentarieerd in Janssen, ‘Varianten in orde en chaos’.
9In een bijdrage in Schrijversdebutten, 's-Gravenhage, 1960, p.89; in het interview van Hans Sleutelaar en Piet Calis, ‘HP-gesprek met dr. Willem Frederik Hermans’, in Haagse Post 31 mrt. 1962; en in ‘De hollerithkaart’, in Frans A. Janssen en Rob Delvigne, Bibliografie van de verspreide publicaties van Willem Frederik Hermans, Amsterdam, 1972, p.x-xi; het citaat is uit de laatstgenoemde publikatie.
10Zie Janssen, ‘Varianten in orde en chaos’, p.28, n.19 en voeg hieraan toe: Mandarijnen op zwavelzuur, [4e dr.], Amsterdam, 1973, p.258; en ‘De spelling van “verspilling”’, in De Gids 135 (1972), nr. 3 (mei), p.200.
11Zie o.m. zijn opstel ‘Blokker en Bommel’, in Podium 18 (1963-1964), nr. 1 (okt. 1963), p.38-48.
12Het exposé is herdrukt in Rob Delvigne, ‘Als twee druppels water?’, in De Revisor 1 (1974), nr. 9/10 (dec.), p.14-22; voor verdere gegevens over de film en over de verhouding tot de roman verwijs ik naar dit artikel.
terug  begin  verder