En God zeide: ‘Daar zij een uitspansel in het midden der wateren; en dat make scheiding tusschen wateren en wateren!’ En God maakte het uitspansel, en maakte scheiding tusschen de wateren die onder het uitspansel zijn, en tusschen de wateren die boven het uitspansel zijn. En het was alzoo. En God noemde het uitspansel ‘Hemel.’
Toen was 't avond geweest, en 't was morgen geweest: de Tweede Dag.
Genes. I : 6-8.