[p. 233]
Sabbats-lied.
- Hymne der voleindigden. -
1.
Hallelujah! Waar zijn woorden,
Lofakkoorden,
Jubelpsalmen, Uwer waard?
Eeuwig-levende, Eerste en Leste!
Hoogste Liefde, Wijste en Beste!
God des Hemels en der Aard!
2.
Zie Uw scharen
Zich vergaâren,
Tot één Huisgezin vereend,
Neêrgebogen
Voor Uwe oogen,
Waar hun ziel van blijdschap weent!
[p. 234]
3.
Gij, Almachte!
Wiens gedachte
Werklijk en waarachtig is,
Hebt te voren
Ons verkoren
Tot Uw Godsgelijkenis!
4.
Eer nog 't eerste
Leven heerschte
In een enkel element,
Eer één sterre
Blonk van verre,
Eeuwge! hebt Gij ons gekend!
[p. 235]
5.
Gij verwekte,
Redde' en dekte,
Gij volmaakte Uw godlijk zaad.
Nu onthult Gij,
Nu vervult Gij,
Vader! Uw genaderaad.
6.
Lange nachten,
Vol van klachten!
Bange dagen, vol van strijd!
Lasten, nooden,
Duizend dooden,
Zegt ons, waar gij
heden
zijt!
[p. 236]
7.
Welk ontwaken
Uit de kaken
Van het alverslindend Graf!
Slechts de teugels
Onzer vleugels,
Slechts den blinddoek, stroopte 't af!
8.
Welk een zegen,
Opgestegen,
God des Levens! tot Uw Troon,
U te groeten,
Aan Uw voeten
Stralend met de koningskroon!
[p. 237]
9.
Nu, ontbonden
Van de zonden,
Eeuwig de Uwe, zijn wij vrij,
Rein verrezen,
Gants genezen,
Heilig, heerlijk, zoo als Gij!
10.
Laat ons zingen!
Hemelingen
Misten ònze stem in 't Choor:
Heden klinkt zij!
Heden dringt zij
Al Uw Paradijzen door!
[p. 238]
11.
Laat ons denken
Aan Uw wenken,
Aan Uw werken, ginds op Aard,
En herhalen!
Duizendmalen
Wat Ge ons dáár reeds deedt en waart!
12.
Laat ons komen
Tot de stroomen
Van Uw langgewenschte Vreugd,
Tot de klare
Bron van 't Ware,
't Eenig Schoone, de Eeuwge Jeugd!
[p. 239]
13.
Laat ons lezen
In Uw wezen,
Dat door al Uw werken speelt,
En ontdekken
Al de trekken
Van Uw Godlijk Deugdenbeeld!
14.
Liefderijke!
U gelijke
't Kind, dat Gij hebt opgevoed!
Eerste en Laatste! dat hij worde
Wat een schepsel zijner orde
Worden
kan
en - worden
moet
!...
[p. 240]
15.
Hallelujah! Waar zijn woorden,
Lofakkoorden,
Waar de ziel in overstort'? - Vader! om met jubelklanken,
Uwer waardig U te danken,
Is een Eeuwigheid te kort!