De Scientology-secte gaat prat op triomfen die de argwaan bij potentiële slachtoffers onder de eeuwige generatie zonder houvast, de jeugd, kan wegnemen, ze zet alles op alles om de drempels weg te halen waarover de kinderen die ze haar ‘kerk’ probeert binnen te lokken (om ze vervolgens nooit meer los te laten, geestelijk en financieel te terroriseren en rijp te maken voor haar elitekorpsen) zouden kunnen struikelen. Soms is het 'n klein triomfje, maar het wordt altijd breed uitgemeten: zo verkondigde de secte destijds dat ‘de drummer’ van David Bowie in haar ‘kerk’ in het huwelijk was getreden, en ze liet deze verkondiging vergezeld gaan van foto's van het stralende bruidspaar voor haar hoofdkantoor in Saint Hill. Deze klopgeest was niet de eerste pop- of filmster, die de hasj-pijp had ingeruild voor de Scientology en zijn Indiase goeroe voor de super-fantastische Ron Hubbard ...
In het jaar dat achter ons ligt draaide de Scientology-publiciteitsmolen weer volop toen John Travolta, dat deerniswekkende zeepbelsymbool van ethisch reveil en hernieuwde braafheid, in een interview had verklaard Scientoloog te zijn. Dat kwam nu wel bijzonder goed uit, want deze anachronistische sul wiens hersens in zijn benen zaten en wiens liefdesleven zich afspeelde op het niveau van Donald Duck, had zich een warme plaats verworven in menig jeugdig hart van Nova Zembla tot Timboektoe. De wanden van miljoenen ongemeubileerde hersens waren behangen met zijn portret. De Scientology-secte fungeerde maar al te graag als lijmpot.
AFGELOPEN ZOMER stond er in het blad The Star een advertentie van de John Travolta Fan Club. Je kon lid worden, en dan kreeg je een grammofoonplaatje waarop de echte stem van Travolta te horen was! Wel, dat was iets voor Furore. Een vriendin knipte de bon uit, vulde hem in, zond per internationale postwissel vijfentwintig gulden op, en wachtte.
Het werd herfst. Onze vriendin ontving een kort briefje van de fanclub, dat ze het aanmeldingsformulier ontvangen hadden, maar het geld niet. Ze zouden de aanvraag vast houden tot het geld kwam. Meteen teruggeschreven dat de internationale postwissel al lang was weggestuurd, enzovoort.
Begin januari lag er ineens een pakje uit Amerika bij de post.
Nou, het valt beslist niet tegen. Een zware informatiemap, in full-color gedrukt, met allerhande vakjes en sleufjes waarin kaarten, foto's, documenten én het plaatje. Terwijl we de grammofoonplaat opzetten (‘Hi. I'm John Travolta, speaking to you from the set of “Moment by Moment”’) nemen we de inhoud van de map door. De items:
-Een brief van John Travolta (‘Hi! I'm happy and excited that you decided to join . . .’) In de brief onthult John, dat hij geen tijd heeft om iedereen persoonlijk te schrijven. Daarom, zegt hij, begint hij een Newsletter. Het eerste nummer zal de fanclubleden ‘in the near future’ bereiken.
-Een certificaat waarmee persoon in kwestie officieel erkend wordt als zijnde lid der John Travolta Fan Club. Het lid kan hierbij aanspraak maken op alle voorrechten en voordelen die aan het lidmaatschap verbonden zijn.
-Een vel met 15 zelfklevende zegels van postzegelgrootte (apart na te bestellen voor één dollar per set van vier);
-De officiële lidmaatschapskaart. Zelf vul je je naam in, het nummer van je lidmaatschap (dit is door een computer op je adresbandje geschreven) en de afloopdatum in. De kaart bevat rechts een vakje waarin nóg een kaartje past. Dat is een ‘Voorlopige Lidmaatschapskaart’. Voorlopig, want: ‘Your permanent card is being personalized for you. You will receive it in approximately three months . . .’ Over één nacht ijs gaat men niet!
-Vier kleine, gekleurde fotootjes van John Travolta. Dit is leuk; die kun je ruilen met je vriendjes;
-Twee iets grotere foto's - ook leuk;
-Twee nóg iets grotere foto's!
-Eén de luxe foto van het formaat 19 bij 24 (zonder witte rand);
-Een affiche (‘poster’) die je uit kunt vouwen (hij is in vieren gevouwen). Het affiche is niet bijzonder groot. Travolta kan er niet eens helemaal op. Zijn voeten staan er niet op;
-Tien Discount Coupons, ieder ter waarde van 2 dollar. Die kunnen van pas komen als je artikelen bestelt;
-Een bestelformulier, voor als je artikelen uit deze map wilt nabestellen;
-Een voorgeadresseerde enveloppe waar bovenomschreven formulier precies in past;
-Een briefje waarmee je drie van je vrienden

. . . Furore . . .
gratis kunt opgeven als lid van de fanclub - ‘and see how we thank you!’ aldus de organisatie: je krijgt, volledig gratis, het BONUS PHOTO PAK, bestaande uit 3 hele grote, 2 grote, en 2 kleine full-color-foto's van John, winkelwaarde $ 3.50;
-‘The John Travolta Story’, een vier-paginagrote, exclusieve biografie van de acteurzanger, met een interview op de achterkant, waaruit hier een fragment:
Q: What type of girls do you like?
A: Girls with a lot of presence.
Q: Are you interested in Scientology?
A: Yes.
Q: How can I find out about it?
A: You can write to: The Public Relations Organization. 5930 Franklin Ave., Hollywood, California 90028.
-Tenslotte: het plaatje ‘A Personal Message from John to you!’
Als de Newsletter arriveert, zullen we dat melden.
De Scientology zoekt het altijd hogerop, 't liefst zo hoog mogelijk, en is verzot op namen, invloed en gezag. Ze tracht dus niet alleen filmsterren, maar ook wetenschapsmensen voor haar mestkar te spannen. Telkens als een hoogleraar in de godsdienstwetenschap iets gunstigs over de Scientology beweert wordt dat miljoenvoudig verspreid, als bewijs van de welriekendheid van de mestkar. Nu zie ik niet in, waarom er onder godsdienstwetenschappers geen halvegaren zouden rondlopen of religieuze John Travolta's: zoals 'n hoogleraar in de ethiek heel wel in staat geacht mag worden zijn vrouw te vierendelen of zijn kater te braden in kokende olie, zo kan een godsdienstwetenschapper zich ook bést tooien met een puntmuts van de Ku Klux Klan: zijn specialiteit biedt geen enkele waarborg tegen ontsporingen. Integendeel, zou ik zeggen. Er zijn genoeg ruimtevaartdeskundigen die, al is het maar één keer in de week, zingen dat God de wereld in zeven dagen schiep.
Zo woonden drie Nederlandse wetenschappelijke onderzoekers, onder wie de Utrechtse lector in de godsdienstwetenschappen J.D.J. Waardenburg, onlangs in Boston een congres van de Moon-secte bij, waarop ook de Koreaan Moon zelf aanwezig was. Er ontstond op dat congres nogal wat verwarring, omdat tegelijkertijd de zelfmoord van (de moord op) de negenhonderd volgelingen van de Jones-secte in Guyana plaatshad.
‘Dr. Waardenburg zegt desgevraagd,’ meldt de Volkskrant van 9 februari 1979, ‘nog niet gemerkt te hebben dat er misbruik van zijn deelname is gemaakt, hoewel hij dat niet onmogelijk acht. De sekte nodigt volgens Waardenburg zoveel wetenschappers uit om het eigen prestige te verhogen.’
‘Hoe je naam wordt gebruikt blijft in het duister,’ zegt Waardenburg nogal lakoniek tot de verslaggever. ‘Zo gauw je beroemd bent ligt dat natuurlijk wel anders. Maar als Utrechts lectortje ben je niet zo boeiend in de wereld.’
Kom, kom, lectortje, niet zo bescheiden! Wat is in 's hemelsnaam een ‘beroemd’ godsdienstwetenschapper? Een man die ‘beroemde’ godsdiensten bestudeert? Dan is Utrecht zo'n gekke plaats nog niet.
Ook bij het pareren van kritiek op hun duistere wandel volgen de Scientologen een vaste taktiek. Ze gaan nooit in op beschuldigingen, hoe waar die ook zijn - nee, ze zoeken - of bedenken - belastend materiaal om er degene die ze heeft beschuldigd mee in diskrediet te brengen. Ik gaf daar al eerder ongehoorde voorbeelden van. Ze schrijven gefingeerde brieven en zenden die rond - zo werden nogal wat kritische onderzoekers aan universiteiten in Engeland en Amerika bij hun bestuur of rector op het matje geroepen en kwamen daar oog in oog te staan met door hen gesigneerde homoseksuele liefdesbrieven - of brieven waarin van vreemde verlangens, financiële manipulaties en andersoortige overtredingen sprake was - die ze nooit hadden geschreven.
Welaan!
Ik verklaar hierbij openlijk, opdat die misdadige bende het hore (in de fase waarin ik thans ten opzichte van ze verkeer - dreigementen, pesterijen, huisvredebreuken) dat ik al sinds jaren hoog en breed homoseksueel ben, dat ik van 's morgens vroeg tot 's avonds laat, ja ook wanneer ik slaap, de meest bizarre verlangens koester, en zowel financieel als andersoortig een weelderig verleden aan manipulaties en overtredingen achter me heb. Ik geef zelfs van ganser harte nu reeds ál het kwaad toe dat ik nog hoop te stichten. Opdat men zich de moeite bespare!
Het aanspannen van processen, ik zei het al eerder, is 'n andere potsierlijke hobby van ze, even potsierlijk als hun verweer tegen beschuldigingen. Ze doen of ze die niet horen, en achten het al voldoende bewijs wanneer ze verklaringen van hoogleraren rondsturen die plechtig beweren dat de Scientology een bona fide kerk is, die dezelfde rechten als andere kerken dient te genieten, waaronder natuurlijk vooral . . . het recht van belastingvrijdom.
De vrijheid van godsdienst is 'n twijfelachtig goed!
Een van de verklaringen waarmee de Scientologen altijd komen aandraven, zoals een kluif in de bek van een bloedhond, is van de hand van prof. J.J. Carey, hoogleraar in de godsdienst-
wetenschappen en voorzitter van de religieuze faculteit van de Florida State University in Tallahassee.
Zeg nu zelf, Tallahassee, dat is toch héél wat anders dan Utrecht?
En, zeg wederom zelf: als een hoogleraar in de natuurwetenschappen verklaart dat een ei vierkant is, dan moet dat toch waar zijn? Zo ‘redeneren’ de Scientologen, in hun honger naar gezag.
Als de Scientologen dreigen of waarschuwen, doen ze dat steevast in een taaltje dat een mengeling vormt van komieke pedanterie en ijzige rechtlijnigheid. De Uitgeverij De Arbeiderspers ontving, toen ze het boek Papieren tijgers waarin een hoofdstuk over Scientology voorkomt had gepubliceerd, een brief van de Scientology Kerk te Amsterdam. Hun woordvoerder, Frits de Wolff, beklaagde zich over ‘grove beweringen’ en ‘benadrukte’ dat enkele passages vielen onder art. 1408 van het Burgerlijk Wetboek.
‘Zoals U weet, zijn deze beweringen totaal ongegrond,’ stond in de brief. Zoals u weet . . . We wisten het niet. En de brief vervolgde:
‘Welke de motieven van de schrijver ook waren, het moet als onjuist worden beschouwd om leugens in een boek te publiceren. Daarom moeten de consequenties aanvaard worden.
Wij vragen U dan ook, om Uw verontschuldigingen aan te bieden, en wel per ommegaande brief waarin wordt beloofd dat het boek in zijn huidige vorm niet verder zal worden verspreid.
Wij verwachten Uw verontschuldigingen en verklaring op zijn laatst op . . . [volgt datum], daarna zullen wij een rechtzaak tegen Uw firma in ogenschouw moeten nemen. Hetzelfde geldt natuurlijk voor de schrijver van het verhaal. Op deze manier zullen wij verdere verspreiding voorkomen van grove leugens en wij zullen natuurlijk schade-vergoeding ontvangen, schade die ons aangedaan is door de verspreiding van het boek.
Wij zijn er verder van overtuigd dat U niet geïnteresseerd
bent in langdurige rechtskundige procedures en daarom vragen we U dan ook om positief op ons verzoek in te gaan.’
Het bleef ook ditmaal bij gesputter. Dat was jammer, want zowel de uitgever als ik wilden de consequenties bést aanvaarden, waren juist zéér geïnteresseerd in langdurige rechtskundige procedures, en vonden de vanzelfsprekendheid waarmee de Scientologen zich alvast een schadevergoeding toebedeelden (waarschijnlijk om Ron Hubbard in staat te stellen zijn onderhandelingspositie met de Russen, die vaak belangstelling hadden getoond voor de overname van zijn organisatie, te verbeteren) wel aardig. Wij zullen natuurlijk...Wij zijn er van overtuigd... Ja, het was wel aardig.
Zes weken na de ‘zelfmoord’ van de negenhonderd leden van de secte van Jones (ook al zo'n lieveling van de Russen) werd het serieus. De aardigheid was eraf. Er kwamen opnieuw brieven, ditmaal van het centrale propaganda- en controle-orgaan zelf, het Guardians Office Europe in Kopenhagen, Denemarken.
Deze brieven waren ondertekend door een heuse Reverend - een soort priestertitel die bij de Scientology na enkele dure cursussen verkrijgbaar is en die het recht geeft als auditor op te treden. Wat is een auditor nu weer? Een auditor is iemand die de biecht afneemt. Wat voor soort biecht mag dat wel zijn? Het is een biecht die de biechteling zélf, voor een uurtarief, moet betalen en in ruil waarvoor hij of zij tot seksueel contact met de auditor mag overgaan, waarna de genoteerde bekentenissen en intimiteiten in een dossier worden doorgezonden naar het hoofdkantoor van Ron zodat . . . de biechteling kan worden gechanteerd met materiaal dat hij zelf heeft gefinancierd.
Ik wil u niet met al de brieven van de Reverend vervelen. Juvonen heet hij, Allan Juvonen. Ook bij hem weer die mengeling van optimisme en stelligheid: ‘Ik kan u alleen een conversatie en enige documenten aanbieden. Dat hoeft slechts kort te duren, maar we kunnen alleen maar hopen dat het een boel misverstanden zal voorkomen of misschien wel jaren van smart en pijn, zowel voor u als voor de leden van onze gemeenschap
in Nederland.’
Zo, zo.
We wezen al zijn verzoeken om een onderhoud af, dat spreekt vanzelf: adelaars spreken niet met adders, en papieren tijgers niet met hyena's van vlees en bloed.
Reverend Juvonen en zijn lijfwacht kwamen persoonlijk uit Kopenhagen naar Amsterdam . . . Mijn uitgever smeet ze dapper de trap af en ik, nog nét iets dapperder, deed ze niet eens open. Uitgebreide analyses van 't artikel in Papieren tijgers volgden, dikke mappen . . . Ik was er, terecht, trots op dat ik de enige Nederlandse schrijver was aan wie in Denemarken cursussen in close-reading werden gewijd. Er volgden . . .
Genoeg! Niet mijn belevenissen zijn hier van belang, maar het intimiderende karakter van deze beweging. Eens om de zoveel jaar houden ze, als in een stuip, een schoonmaakactie, een campagne om slechte indrukken uit te wissen, hun critici omver te werpen. Dat deden ze na het ‘geval’ Charles Manson, die tijdens de moord op Sharon Tate en haar vrienden een belijdend Scientoloog was. Dat doen ze nu weer, na de bijna duizendvoudige moord in Jonestown. Ik antwoord er op met een eigen campagne: ik werp, op mijn beurt, hun organisatie omver.
Er zal in Nederland eindelijk worden geluisterd!
Wéét de regering dat de Scientology Kerk in Nederland zeer actief is?
Wéét de regering dat de Scientology een groepering is met death lessons en vernietigingsprogramma's?
Wéét de regering dat veel ouders niet meer kunnen nagaan waar hun kinderen, als ze eenmaal door de Scientology zijn opgeslokt, verblijven noch wat er met ze gebeurt? Dat huwelijken, op bevel van Scientologen, worden ontbonden en familieleden die navraag doen gemolesteerd? Dat er, uit angst voor represailles, meestal geen aangifte wordt gedaan?
Kan de regering mij vertellen of zij, nu er toch zoveel telefoons worden afgetapt, soms toevallig vergat datzelfde te doen bij een echt gevaarlijke groepering?
Kan de regering mij vertellen waarom van de onderzoeken
van de ministeries van Justitie, Sociale Zaken en Volksgezondheid in 1973 en van een werkgroep van zes hogere ambtenaren in 1974 nooit meer iets werd vernomen?
Kan de regering mij vertellen welke hogere ambtenaren en leidinggevende militairen contacten onderhouden met de Scientology-secte, en welke pogingen tot contact de secte in die kringen ondernam?
Kan de regering mij vertellen wat ze van plan is te doen tegen het financieel en seksueel uitbuiten van willoze slachtoffers, het onbevoegd uitoefenen van de geneeskunde, het voeren van valse titels, het ontduiken van de belasting en het op grote schaal chanteren van mensen door middel van E-meters, zogenaamde ‘leugendetectoren’ die bestaan uit twee met 'n touwtje aan elkaar geknoopte lege conservenblikjes?
Natuurlijk kan de regering mij dat niet vertellen. We wonen, dat is des Pudels Kern, nu eenmaal in een land waar de minister van CRM zojuist zendtijd verleende aan de Kerk van de Heiligen der Laatste Dagen en waar de president van de Nederlandse Bank onlangs via de radio opriep om de landelijke collecte van het Leger des Heils gul te bedenken, opdat eindelijk eens alle hoeren met behulp van blaasmuziek en soep konden worden gekerstend. (Ik bedoel hiermee niets ten gunste van de Nederlandse Bank.)
In zo'n land wonen we. We hebben een regering van doorgewinterde secteleiders.
Daarom zal ik, als ik uit de geestelijke schemerwereld rondom het Binnenhof geen antwoord krijg, nóg een campagne starten.
Ik ga de regering omverwerpen!
Ik verzoek iedereen die daar óók voor voelt mij van iedere vorm van bijval te verschonen.
Ik doe het wel in mijn eentje.