terug  begin  verderprepost
[p. 353]

Er is een land waar vrouwen willen wonen

 
Er is een land waar vrouwen willen wonen
 
Waar vrouw-zijn niet betekent: tweederangs en bang en klein
 
Waar vrouwen niet om mannen concurreren
 
Maar zusters en gelieven kunnen zijn
 
Waar rimpels niet de eenzaamheid voorspellen
 
Maar paspoort zijn naar wijsheid, aanzien, 's werelds raadsvrouw zijn
 
Waar jonge vrouwen dus een leven voorbereiden
 
Waarin zij veertig, zestig, tachtig zullen zijn
 
 
 
Er is een land waar vrouwen willen wonen
 
Waar onrecht niet als een natuurgegeven wordt beschouwd
 
Waar dienstbaarheid niet toevalt aan één sekse
 
En niet vanzelf een man de leiding houdt
 
Waar moeder niet hetzelfde is als huisvrouw
 
Waar steeds opnieuw wordt nagegaan wie zwak zijn en wie sterk
 
Waar allen zorgen voor wie hulp behoeven
 
En 't brood verdienen met maar vijf uur werk
 
 
 
Er is een land waar mannen willen wonen
 
Waar jongens van de plicht tot flink en stoer doen zijn bevrijd
 
Waar niemand wint ten koste van een ander
 
En man-zijn ook betekent: zorgzaamheid
 
Waar angst en rouw niet weggemoffeld worden
 
Waar mannen zonder baan niet denken dat ze minder zijn
 
Waar vrouw en man elkaar niet hoeven haten
 
Maar eindelijk bondgenoten kunnen zijn
 
 
 
Er is een land waar mensen willen wonen
 
Waar jong zijn niet betekent dat je steeds wordt genegeerd
 
Waar zwakken met respect benaderd worden
 
En vreemdelingen niet meer gekleineerd
 
Waarin geweld door niemand meer geduld wordt
 
Waar allen kunnen troosten als een mens ten onder gaat
[p. 354]
 
Dat is het land waar mensen willen wonen
 
Het land waar de saamhorigheid bestaat

Naschrift (1981):

De eerste aanzet tot het schrijven van dit lied dateert uit de winter van 1976. In Noordwijkerhout was een lesbisch-feministisch weekend; een groepje vrouwen werkte een middag om een tekst te maken bij de melodie van een der aanwezigen. Maar de tijd was te kort en het bleef bij een poging.

Jarenlang was verder werken aan dit lied een dierbare wens op mijn verlanglijst, maar het kwam er pas van in 1981, toen ik in het ziekenhuis lag. Gebruik makend van melodie en eerste regel schreef ik daar een nieuwe tekst. Bij het lezen van Cobi Schreijers vrouwenliedboek Sara, je rok zakt af*, was me opgevallen dat er eigenlijk weinig liederen zijn waarin de boodschap van het feminisme - een andere inrichting van het menselijk bestel - een beetje simpel onder woorden wordt gebracht. ‘Er is een land waar vrouwen willen wonen’ is mijn poging daartoe. Met dank dus aan de vrouwen van het weekend die de eerste aanzet gaven, en aan Cobi Schreijer, Marijke Harberts en Jeroen de Wildt, die hielpen met het bijschaven van de tekst. Toen Cobi Schreijer het lied instudeerde bleken tekst en melodie toch niet goed bij elkaar te passen; Ruud Bos was vervolgens zo vriendelijk een nieuwe melodie te maken.**

Twee regels hebben misschien wat nadere uitleg nodig.

Voor mij is het feminisme het startpunt van wat ik het nieuwsocialisme noem: het tweede hoofdstuk van de grote bevrijdingsbeweging die in de negentiende eeuw begon. De ontdekking van Marx, dat armoe geen natuurgegeven is, maar voortkomt uit een oneerlijke verdeling van macht over mensen, wordt door vrouwen in de tweede helft van de twintigste eeuw herhaald. Onrecht, namelijk dat vrouwen het onbetaalde en ondergeschikte werk doen, is altijd goedgepraat met een beroep op de natuur: het kan niet anders, want vrouwen

[p. 355]

baren nu eenmaal kinderen. Vandaar de regel in het tweede couplet: ‘Waar onrecht niet als een natuurgegeven wordt beschouwd.’

Het oud-socialisme maakte een fout: het koppelde rechtvaardigheid aan één groep, er werd gestreden voor één soort mensen, mannelijke arbeiders, en niet voor de mensen die in een bepaalde periode in het verdomhoekje zitten. Zo werd de geschiedenis als het ware stilgezet. In het nieuw-socialisme moet dat anders. Vandaar de regel: ‘Waar steeds opnieuw wordt nagegaan wie zwak zijn en wie sterk.’

*Amsterdam: Sara 1980. (red.)
**Cobi Schreijer heeft het lied in 1983 op de plaat gezet: ‘Plant een roos’, Varagram ET 154, cassette ETC 252. (red.)
prepostterug  begin  verder