Het treurspel Rodderick ende Alphonsus is een van de eerste toneelstukken van G.A. Bredero (1585-1618). Het werd voor het eerst opgevoerd in 1611 op het toneel van de Amsterdamse rederijkerskamer ‘De Egelantier’. In 1616 is het in druk verschenen.
Het stuk vertoont enkele klassieke kenmerken zoals de verdeling in vijf bedrijven, maar het is geen klassiek treurspel. Zo worden de ernstige scènes afgewisseld met komisch optreden van volkse types.
Onderwerp van het spel is de rivaliteit tussen de vrienden Rodderick en Alphonsus, die beiden verliefd zijn op hetzelfde meisje: Elisabeth.
In onderstaand fragment dwaalt Elisabeth door de ‘bogaert’ en horen we haar in een alleenspraak haar liefde voor Rodderick verklaren. Meteen daarop volgt Roddericks reactie die vanachter de struiken blijkt te hebben meegeluisterd.
Opmerking:
U (5): lees O.
Vragen
| 1/24 | Wie is hier aan het woord? |
| 1/2 | Hoe ... klagen: van wat voor soort vraag is hier sprake? |
| 1 | mach- = swaerder: positivus of comparativus? Welk klankverschijnsel doet zich voor? |
| 2 | Als = Vertaal heymelijcke. |
| 3 | Wat is het subject bij stelt? Wat wordt bedoeld met de wreede schaemt? |
| 4 | Benoem ons redekundig. Wie worden bedoeld met ons? 't versoecken: wat wordt hiermee bedoeld? |
| 6 | lust = Benoem gheblindthockt redekundig. Vertaling: houwen: welk klankverschijnsel doet zich voor in dit woord? |
| 7 | De sorge = Wat is het antecedent van die? |
| 8 | Hoe vertaal je Heel stribb'ligh wederstreeft? Wat is het subject van wederstreeft? |
| 9 | op = Benoem d'uytverkooren redekundig. |
| 10 | van = |
| 11 | Waarbij is de naesten aen de Stoel een bijstelling? Wat wordt ermee bedoeld? |
| 12 | deck = |
| 13 | staagh = verteeren kan een transitief en intransitief werkwoord zijn. Voor welke mogelijkheid kies je hier? Vertaling: |
| 14 | Benoem Het hert redekundig. Wat wordt bedoeld met en ... kleeren? |
| 16 | Merckt: welke wijs? maer = Wat betekent die 'tboeck is van mijn hert? |
| 17 | Wat voor functie heeft het werkwoord deden? Hoe moet de dubbele punt na verlieven worden weergegeven? |
| 18 | Wat is het antecedent van die? |
| 19 | soeck = uyt: is dit woord een voorzetsel of een deel van het werkwoord? |
| 20 | en: benoem als woordsoort. |
| 21 | Waarbij fungeert my als meewerkend voorwerp? |
| 22 | Ghy ... blyven: hoofdzin of lijdend voorwerpzin? Waarnaar verwijst -se? |
| 23 | mijn voetjes: welke naamval (zie par. 6.1.1.)? stapt: welke wijs? |
| 24 | Benoem alleen redekundig. |
| 25 | seydt: welke tijd? |
| 26 | Vertaal Ay my. |
| 27 | sorgh = Benoem my redekundig. ontvaren = |
| 28 | Vertaal Wat is 't, of. nauw = |
| 29 | Benoem hem selven taalkundig. |
| 30 | Benoem die taalkundig. Waarnaar verwijst dit woord? |
| 30/1 | Mijn ... vertrecken: geef de hoofdzin aan. Wat betekent dit voor de vertaling van En in r. 31? |
| 31 | jonst = vertrecken: transitief of intransitief? Vertaling: |
| 33 | Wat wordt bedoeld met weder-loon? Vertaal van mijn geleden druck. |
| 34 | Vertaal Heerschap van mijn sinnen. |
| 35 | en: vergelijk r. 20. Benoem u taalkundig. Waarnaar verwijst u? maer ... verwinnen: wat bedoelt Rodderick hiermee? |
| 36 | soo = |
| 38 | Benoem al redekundig. Benoem haer taalkundig. |
| 39 | verneuckelt haer = verfroyen = |
| 41 | Wat wordt bedoeld met den waerom? |
| 42 | Vertaal in 't heughlijck overleggen. |
| 43 | Wat is het subject bij valt? Benoem my redekundig. |