terug  begin  verderprepost

10 Beschrijving van Amsterdam

De in 1611 verschenen eerste uitvoerige beschrijving van Amsterdam Rerum et urbis Amstelodamensis historia staat op naam van Isaacsz. Pontanus (1571-1639). In 1614 volgde de vertaling van Petrus Montanus. Het stukje dat we uit deze vertaling geven is echter niet door Pontanus geschreven en evenmin door Montanus. Het is door Montanus aan het eind van het boek toegevoegd ‘tot onderrichtinghe vande geschriften ende andere annotatien’. In kort bestek geeft het de geschiedenis van Amsterdam weer. Montanus vermeldt dat hij niet weet wie de auteur van het stuk is, of wanneer het is geschreven. Zelf vermoedt hij dat de tekst uit het begin van de 16de eeuw stamt.

[p. 124]

1Amsterdam is gheweest onbemuert / alleen omcinghelt met een diepe 2 graft / totten jare 1482 / als wanneer die borghers (mits aenstaende 3 oorloghe) een moet grijpende / die stadt op een jaer tijts voor de 4 meerderen deel met mueren ende schoone toorens omcinghelt hebben / 5 daer toe consent vercregen hebbende van die vā Haerlem hunne 6 naebueren / eensdeels wt gratie ende eensdeels met eenige recompense. 7 En̄ daer in volghende jaren hebben zy de reste vande mueren opgemaect 8 met twee poorten / te weten / S. Antheunis ende de Reguliers poort / 9 wtghenomen aen het deel vande Stadt / daer t' water Tije langhs loopt 10 ende met drie lijsten paelen tegens der vyanden aenloop wordt 11 ghesloten.

12Voorts so is Amsterdam bycans rondt van gheleghentheydt / vanden 13 Noortoosten totten Zuyden / een weynigh langhwerpigher inden omvanck / 14 sonder de voorsteden soo wijt ende groot / als een cloeck man / in 15 een ure tijts soude connē begaen / met groote ende diepe grachten 16 omcinghelt / behalven aende Noort-zijde daer 't aen Tije streckt. 17 Amstelredam is ghenoemt vande Riviere Amstel / wt Amstellant door 18 die stadt loopende / ende den Dam ofte Sluys int midden vande selve 19 Stadt ghelegen / door de welcke den Amstel gheleyt wordt / ende in 20 het Tije valt ter plaetse ganaemt Dammerac / d' welc een Haven oft 21 Statie maect / daermen meer als duysent Schepen can leggen ende 22 bergē. De voorsz Riviere Amstel langhs de Zuyt zijde comende inde 23 voorsz Stadt / loopt recht toe recht aen nae den voorsz Dam door 24 welcke vallende in Dammerack int Noorden vermenght sich met het Tije / 25 ende separeert also de Stadt in twee deelen / wesende 't Waeter aen 26 de Zuyt-zijde vanden Dam ghenaemt den Amstel / ende aende Noort-zijde 27 den Ammerack.

28Het deel vande Stadt aende Oost-zijde wert ghenaemt de oude zijde / 29 ende t' ghene aëde West-zijde de nieuwe zijde / insgelijcs soo heeft 30 elcke zijde zijne besonder Prochie Kercke.

31Daer zijn oock vijf houte Brugghen / waer over men van d' een Prochie 32 in d' ander gaet / twee op den Amstel ende drie op den Ammerack. 33 Daer zijn boven die / vier groote graften ofte Burghwallen wten Amstel 34 gheleydt / de welcke insgelijcs vāde Zuyt-zijde noortwaerts langhs 35 twee groote watergangen in Tije loopen / waer van de twee de oude / 36 ende dander twee de nieuwe zijde doorloopende / wederom elcke 37 zij de drysins verdeelen / alwaer men overgaet met 35 houte Brugghen.

 

Opmerking:

 

zij de (37): lees zijde.

[p. 125]


illustratie
Amsterdam in de zestiende eeuw. Een houtsnede van Cornelis Anthonisz..

Beschrijving van Amsterdam

Vragen

2 graft is een vormvariant van ...
Los de enclisis op in totten (zie par. 5.1.3.).
als wanneer =
Benoem die taalkundig. Vertaling?
2/3 Vertaal: mits aenstaende oorloghe.
3 Begrens en benoem de participiumconstructie met grijpende.
Moet het lidwoord een (in een moet grijpende) vertaald worden?
op =
Wat voor genitivus is tijts?
5 Wat is het antecedent van daer toe?

[p. 126]

  consent =
Waarvoor staat de afkorting in ?
5/6 Geef de binnenbouw van die ... naebueren. Vertaling?
6 Hoe vertaal je eensdeels [...] eensdeels?
gratie =
recompense =
7 Waarvoor staat de afkorting in En̄?
7/8 En̄ ... poorten: in welk opzicht wijkt de woordvolgorde hier af van die van de huidige hoofdzinsvolgorde (zie par. 6.2.)?
7 Hoe vertaal je opgemaect?
8 S. Antheunis: thans het Waaggebouw op de Nieuwmarkt; gebouwd in 1488. de Reguliers poort: hiervan is nog een gedeelte over, namelijk de huidige Munttoren; gebouwd in de periode 1480-1487.
9 Functioneert wtghenomen hier nog als deelwoord (zie par. 6.6.)?
daer =
Los de proclisis op in Tije.
10 lijsten: ‘rijen’.
Wat voor genitivus is der vyanden?
9/11 Los de samentrekking op in daer...ghesloten. Hoe is die te beschouwen?
12/6 Voorts so is Amsterdam: in r. 12/16 zijn deze woorden een aantal keren samengetrokken. Geef aan op welke plaatsen ze ingevoegd kunnen worden.
12 Voorts =
Wat voor functie heeft so?
bycans =
gheleghentheydt: welk klankverschijnsel doet zich voor? Vertaling:
13 omvanck: welk klankverschijnsel doet zich voor?
14 cloeck =
15 Geef de binnenbouw van de woordgroep een ure tijts.
begaen =
16 daer =
Waarnaar verwijst 't?
Vertaal streckt.
17 Amstelredam: waarom zou de schrijver hier deze vorm gebruiken? (Vergelijk Amsterdam in r. 1 en 12).
Hoe vertaal je van-?
18 Begrens en benoem de participiumconstructie met loopende.
Welke nevenschikking brengt ende tot stand?
19 de welcke verwijst naar ...
Verklaar het gebruik van de vorm den.
20 Hoe zou de woordgroep het Tije tot stand zijn gekomen?
(Vergelijk Tije in r. 9. Vergelijk ook het 20ste eeuwse ‘het Damrak’ met Dammerac in r. 20 en den Ammerack in r. 27.)
Wat is een -rac?
Geef de binnenbouw van de woordgroep ter plaetse genaemt Dammerac.
21 Statie =
22 voorsz: los de afkorting op. Vertaling:
Begrens en benoem de participiumconstructie met comende.

[p. 127]

23 nae =
24 Benoem welcke taalkundig. Van wat voor soort verbinding is hier sprake? Begrens en benoem de participiumconstructie met vallende.
25 Wat wordt bedoeld met also?
Begrens en benoem de participiumconstructie met wesende.
28 wert: welke tijd?
29 Benoem t' ghene taalkundig. Vertaling:
Welke functie heeft de apostrof in t' ghene (zie hfdst. 3)?
Hoe moet de gothische komma na zijde in de vertaling worden weergegeven (zie hfdst. 3)?
insgelijcs =
30 besonder =
Wat is een Prochie?
32 twee ... Ammerack: hier is het participium ... verzwegen. Van wat voor soort constructie is dus sprake?
Welke redekundige functie heeft deze constructie?
op =
33 Wat wordt bedoeld met boven die?
Wat zijn Burghwallen?
34 insgelijcs moet hier vertaald worden met ...
35 watergangen =
de twee: bepaald of onbepaald? Wat wordt hiermee bedoeld?
Wat wordt bedoeld met de oude?
36 Begrens en benoem de participiumconstructie met doorloopende.
37 Vertaal drysins.
Wat is het subject bij verdeelen?
35/7 Geef in eigen woorden de inhoud van waer ... verdeelen weer.
37 alwaer: welke woordsoort? Wat wordt hiermee bedoeld?
Van wat voor soort verbinding is hier sprake?
met =

prepostterug  begin  verder