Achter de initialen D.K. gaat Jan de Kruyff sr. (1706-1775) schuil. Dit blijkt uit de - lovende - besprekingen van de Gedichten van deze koopman uit Leiden, waarin uit de ‘Spoore tot eigen vinding’ geciteerd wordt.23 Het gedicht vond weerklank. Niet alleen drukte één van de recensenten het vers in zijn geheel af, het werd ook opgenomen in de Schatkamer der Nederlandsche dichteren II (1775) 33-41. Ook het motto van dit gedicht vond instemming bij anderen dan De Kruyff. S.L. (zie tekst no. 6) gebruikt het bijvoorbeeld in zijn betoog. Tot welk ‘gezelschap van beroemde dichteren’ De Kruyff zich hier richt, is niet zeker. Wellicht is het het Leidse genootschap Minima Crescunt, maar Singeling (1991) vermeldt slechts dat De Kruyff van 1768 tot zijn dood lid was van de Maatschappij der Nederlandse letterkunde.
[.../(16)]
[.../(18-19)...]
[.../(21-22)...]