[p. 7]
Ik word groot!
Ik sta al in mijn mooie box,
Kijk juist er boven uit,
Ben ik geen grooten jongen, zeg?
Ma vindt: 'n grooten guit.
Ik speel van kieke - kiekeboe
En dans van hopsasa
Of loop heel deftig langs den kant
En lach eens tegen ma.
Dan speel ik wat met paard en bal
Of met de pop van zus,
Tot moes mij in haar armen neemt
En ik haar heerlijk kus.