.........................
Wij hebben het hier zoo stil en zoo eentoonig dat ik tusschenbeide niet alleen den dag en den datum, maar zelfs de maand en het jaar vergeet. Wat wij gisteren gedaan hebben, doen wij van daag nog eens, en zullen wij morgen weder doen. Van 's morgens negen uur tot elf zitten wij te leeren, dan kleeden wij ons aan, gaan koffij drinken, spelen vervolgens wat piano, of zitten het een of ander te borduren of te schrijven en maken na het eten eene wandeling door het bosch, of liever, door het stof.
.........................
Mina.