De roos van Dekama
Jacob van Lennep
Bezorgd door Joke van der Wiel
verantwoording
©
2006 dbnl / Joke van der Wiel
i.s.m.
De roos van Dekama
Voorwoord
Eerste hoofdstuk
Tweede hoofdstuk
Derde hoofdstuk
Vierde hoofdstuk
Vijfde hoofdstuk
Zesde hoofdstuk
Zevende hoofdstuk
Achtste hoofdstuk
Negende hoofdstuk
Tiende hoofdstuk
Elfde hoofdstuk
Twaalfde hoofdstuk
Dertiende hoofdstuk
Veertiende hoofdstuk
Vijftiende hoofdstuk
Zestiende hoofdstuk
Zeventiende hoofdstuk
Achttiende hoofdstuk
Negentiende hoofdstuk
Twintigste hoofdstuk
Een en twintigste hoofdstuk
Twee en twintigste hoofdstuk
Drie en twintigste hoofdstuk
Vier en twintigste hoofdstuk
Vijf en twintigste hoofdstuk
Zes en twintigste hoofdstuk
Zeven en twintigste hoofdstuk
Acht en twintigste hoofdstuk
Negen en twintigste hoofdstuk
Dertigste hoofdstuk
Een en dertigste hoofdstuk
Twee en dertigste hoofdstuk
Drie en dertigste hoofdstuk
Vier en dertigste hoofdstuk
Vijf en dertigste hoofdstuk
Zes en dertigste hoofdstuk
Aantekeningen
Nawoord
Het voorwoord: ‘te voet door oud-Nederland’
De handschriften: ‘eerst de stek en dan 't invoegen, verplaatsen en lappen’
De historie: ‘de raadpleging van overleveringen, geschiedenissen en localiteiten’
De bewerking: ‘in den vorm eener doorlopende geschiedenis’
De roman: ‘iets schitterends heeft het verhaal’
Waardering: ‘ken-je onzen Van Lennep dan niet?’
Verkenning van de drukgeschiedenis
Verantwoording van de uitgave
Lijst van geraadpleegde literatuur
Verantwoording van de Deltareeks