terug  begin  verderprepost

Regel IX.

De lidwoorden worden dikwijls zeer gepast weggelaten, als: Verscheidenheid behaagt. - Fruit is gezond. - Koolzaad prijshoudend. - Integralen flaauw.

Waar het lidwoord gebezigd wordt, bepaalt en beperkt het de zaak waarvan gesproken wordt, als: ‘het hart, dat werkelijk bemind heeft, zal nooit vergeten.’

Veelal wordt het lidwoord weggelaten, waar meer dan een voorwerp genoemd wordt, als in zinnen gelijk deze:

‘Ik vond man noch vrouw 't huis.’

‘Het schip verging met man en muis.’

[p. 123]

‘Men zal van dit boek niet zeggen, dat het kop noch staart heeft.’

‘Dit landgoed wordt verkocht met jacht, visscherij en tienden.’

Aanm. Men lette wel op, dat in elk van de hier aangehaalde voorbeelden het weglaten van een der twee of van twee der drie nevens elkander geplaatste naamwoorden noodwendig - althans wanneer 't overblijvende naamwoord in 't enkelvoud staat - het ontbrekende lidwoord terug roept: zoo dat men b.v. niet mag zeggen: ‘Het schip verging met muis. - Dit landgoed wordt verkocht met jacht.’ - Vele boekverkoopers en andere inzenders van advertentiën denken er anders over, en zoo lezen wij herhaaldelijk in de dagbladen zinnen als de navolgende:
‘De weg ter zelfveredeling, door H. Binkebeen, met plaat.’
‘Brieven van Crenodopus, met fac-simile.’
‘Een huis te koop, met stal.’
‘Een schenkkan, met deksel’, al 't welk een nieuwerwetsch (en alzoo ook een onderdeel van 't vermakelijk) Nederduitsch is; 't welk beschaafde lieden zich schamen moeten te gebruiken.



illustratie
Grooma's lieveling.

prepostterug  begin  verder