7. Hij.
Hij is mijn Vader, mijn rijkdom, mijn al!
Nimmer gehoord
Heb ik het woord,
Dat hem naar waarde eenen naam geven zal.
Hij is mijn Vader, mijn roem en mijne eer!
Och, leve Hij
Lang nog voor mij!
Lang nog voor allen! Behoed Hem, o Heer!