96. Eene halve stoof gegroeid.
‘Verleden jaar op dezen tijd
Heeft Vader mij gemeten.
En hoeveel ik nu ben gegroeid
Zou ik wel willen weten.’
[p. 96]
‘Wel kind,’ zei Vader, ‘kom maar hier!
Hier zijn alweer vijf stoven!
Daar kwaamt gij, nu een jaar geleên,
Juist met uw neusje boven!’
Ik kwam toen bij de stoven staan,
En - nu een jaartjen ouder,
Kwam 't kantje van de vierde stoof
Gelijk met mijnen schouder.
Een' halve stoof gegroeid, wat pret!
En wie het vast wil weten,
Die kome met vijf stoven aan
En ga mij nog eens meten!