Wacht u.

Dan zal hy zeggen ook tot de geene die ter slinker - [hand] zyn, gaat weg van my, gy vervloekte in het eeuwige vuur, 't welk den Duivel en zyne Engelen bereid is.
Matth: XXV: 41.
Spreuken XXVII: 12.
De kloekzinnige ziet het quaad, [en] verbergd zich: de slechte gaan heenen door, [en] worden gestraft.
Jezaias XXXIV: 9.
En haare beeken zullen in pek verkeerd worden, en haar stof in zwevel: ja haare aarde zal tot brandende pek worden.
Matth: XXV: 46.
En deze zullen gaan in de eeuwige pyne: maar de rechtvaardige in dat eeuwige leven.
Lukas XII: 4, 5.
En ik zegge u mynen vrienden, en vreest u niet voor de geene die het lichaam doeden, en daar na niet meer en kunnen doen.
Maar ik zal u toonen wien gy vreezen zult: vreest dien, die na dat hy gedood heeft; [ook] macht heeft in de helle te werpen: Ja ik zegge u, vreest dien.
Hebreen X: 26, 27.
Want zo wy willens zondigen, na dat wy de kennisse der waarheid ontfangen hebben, zo en blyft daar geen slacht-offer meer over voor de zonden:
Maar een schrikkelyke verwachtinge des oordeels, en hitte des vuurs dat de tegenstaanders zal verslinden.